Het laatste Catalina-watervliegtuig dat nog regelmatig in Nederland vloog, verhuist naar de Verenigde Staten. Het is niet gelukt om geldschieters te vinden die willen bijspringen om het militaire toestel uit 1941 in Nederland te houden.

"Voor ons houdt het op, de race is gelopen", zegt Christian Pfeiffer van erfgoedvereniging Bond Heemschut. De vereniging had graag gezien dat de 'vliegboot' hier was gebleven.

Van dit type vliegtuig vlogen er tientallen rond in toenmalig Nederlands-Indië. Maar de stichting die het watervliegtuig de afgelopen jaren exploiteerde, kan de lasten niet meer dragen.

Het toestel kampte met allerlei tegenslagen. Zo raakte het vorige zomer beschadigd tijdens een ruwe landing op thuisbasis Lelystad. Het neuswiel weigerde dienst. Een jaar later was er opnieuw rampspoed en begaf de motor het.

Er staat nog wel een Catalina in het Nationaal Militair Museum (NMM) in Soesterberg. Het bewuste toestel is echter "niet volwaardig", reageert Pfeijffer. "Het kan niet vliegen en heeft jarenlang op een kinderspeelplaats gestaan." 

In tegenstelling tot het exemplaar dat naar de Verenigde Staten gaat, heeft de Catalina van het NMM wel in Nederlandse dienst gevlogen.

'Meest succesvolle patrouillevliegtuig van de geallieerden'

De Catalina uit Lelystad was in Amerikaanse dienst tijdens de Tweede Wereldoorlog. De bemanning bracht vanuit IJsland drie Duitse onderzeeboten tot zinken. Volgens de beheerstichting was het daarmee "het meest succesvolle patrouillevliegtuig van de geallieerde krijgsmacht". Daarnaast stelt de stichting dat het "de oudste en zonder twijfel de mooiste nog vliegende Catalina van de wereld" is.

De Amerikaanse Collings Foundation wil het toestel overnemen. Volgens Heemschut is het toestel bij de Amerikaanse stichting in goede handen. Toch vindt de organisatie het teleurstellend. "Het is een belangrijk stuk mobiel erfgoed'', zegt Pfeijffer. "Dit toont aan dat daarvoor geen goede bescherming is geregeld.''

Aanstaande dinsdag wordt de koop afgerond.