Raad voor de rechtspraak tegen verplichte aanwezigheid verdachten

De Raad voor de rechtspraak vindt het onverstandig om verdachten tijdens zittingen in hun strafzaak verplicht aanwezig te laten zijn.

De Raad stelt zaterdag in het wetgevingsadvies dat het "niet altijd in het belang is van het slachtoffer en het indruist tegen het uitgangspunt dat een verdachte onschuldig is totdat de rechter anders heeft beslist".

Minister Sander Dekker (Rechtsbescherming) ziet mogelijkheden in de zogeheten verschijningsplicht en wil dit invoeren voor personen die verdacht worden van ernstig strafbare feiten. Hiermee zou de positie van het slachtoffer in de rechtszaak versterkt moeten worden. 

De Raad laat zaterdag weten dit een goed idee te vinden, maar de daadwerkelijke plannen af te keuren. "Zo wordt in het wetsvoorstel een ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt tussen verdachten die vastzitten en verdachten die op vrije voeten zijn."

'Spreekrecht niet bedoeld om verdachte te straffen'

In het wetsvoorstel is omschreven dat de verdachte aanwezig moet zijn als het slachtoffer gebruikmaakt van het spreekrecht. De Raad vindt het spreekrecht echter niet bedoeld om "de verdachte de les te lezen of alvast te 'straffen'. Een verdachte is onschuldig tot de rechter anders beslist."

Daarnaast wil de Raad erop wijzen dat een rechter ook nu al de bevoegdheid heeft om een verdachte verplicht te laten verschijnen. "Een verschijningsplicht is daarom niet alleen onwenselijk, maar ook overbodig."

De Raad voor de rechtspraak bestaat sinds 2002 en noemt zich de onafhankelijke buffer tussen de rechtspraak en de regering. Zelf spreekt de Raad geen recht.

Lees meer over:
Tip de redactie