De vijf schippers die sinds 6 augustus de haven van Deventer niet konden verlaten vanwege de lage waterstand, mogen donderdag weer uitvaren. De gemeente stelt een zogenoemd noodschutregime in.

Scheepvaart op de IJssel wordt tegengehouden totdat alle binnenvaartschepen uit de haven zijn. Het vertrek duurt ongeveer een uur per schip, aldus de gemeente Deventer.

Door de extreem lage waterstand in de IJssel ontstond ruim vier weken geleden te veel verschil tussen de waterstand in de haven en die van de rivier. De sluisdeuren dreigden het te begeven door de grote waterdruk en moesten gesloten worden. Deventer waarschuwde alle schippers in de haven, maar vijf van hen waren niet op tijd weg en zaten sindsdien opgesloten.

Oorspronkelijk was berekend dat de IJssel een waterstand van 1,22 meter boven NAP moest hebben bereikt om de sluizen weer te openen. Een herkeuring van de sluisdeuren wees afgelopen vrijdag echter uit dat ze al bij een waterstand van 1,06 meter boven NAP gebruikt kunnen worden.

Noodschutregime alleen voor opgesloten schippers bedoeld

Schepen op de IJssel trekken door hun zuigkracht het waterpeil bij de sluisdeuren ongeveer 25 centimeter naar beneden. Door de scheepvaart donderdag stil te leggen, blijft het water bij de deuren hoger staan. Als de schippers in de haven uiterst langzaam en nauwkeurig varen, is de waterstand volgens de gemeente nu voldoende om de haven uit te komen.

Het noodschutregime geldt alleen om de opgesloten schippers te laten uitvaren. De haven kan nog niet gebruikt worden voor de gewone bevoorrading van bedrijven.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!