De Amerikanen die vrijdag gewond raakten door de aanslag op het Centraal Station in Amsterdam hebben in een verklaring een aantal mensen bedankt voor hun hulp en opvang. De verklaring is verspreid door de Amerikaanse ambassade in Nederland.

De slachtoffers danken de politie, maar ook omstanders die te hulp schoten nadat de twee waren neergestoken door de negentienjarige verdachte Jawed S., voor hun "snelle en professionele actie".

De twee zeggen de politie "niet genoeg te kunnen danken voor wat ze hebben gedaan om hun levens te redden". Politiespotters op het station hadden al voor de steekpartij opgemerkt dat S. vreemd gedrag vertoonde. Tussen het moment dat hij op de Amerikanen instak en zijn aanhouding zaten negen seconden.

Ook de medewerker van de informatiebalie op het station wordt genoemd. Die sprong onmiddellijk te hulp en bleef bij ze tot de eerste hulpverleners arriveerden. Verplegend en behandelend personeel uit het ziekenhuis krijgen ook veel dankbetuigingen, evenals de ambassade en de familierechercheurs die zich om de families van de twee bekommerd hebben.

De twee Amerikanen en hun families concentreren zich nu op het herstel, zowel lichamelijk als geestelijk.

'S. hield rekening met zijn eigen dood bij aanslag'

De politie gaat ervan uit dat de Afghaan S., die een Duitse verblijfsvergunning heeft, uit een terroristisch motief handelde. Hij was bewust naar Amsterdam gereisd, naar eigen zeggen uit woede over Geert Wilders en diens - inmiddels afgeblazen - cartoonwedstrijd.

Volgens zijn advocaat waren de slachtoffers willekeurige voorbijgangers. S. zou er zelf rekening mee hebben gehouden dat hij zijn aanslag niet zou overleven. Zijn advocaat zei dinsdag dat in zijn woning in Duitsland een testament is gevonden.