De twee Armeense kinderen Lili en Howick, die eind 2008 met hun moeder naar Nederland kwamen, mogen worden uitgezet. Dit heeft de Raad van State vrijdag besloten in een hoger beroep in de zaak. 

De asielaanvraag van de twee Armeense kinderen uit Amersfoort is hiermee weer afgewezen. Er lopen al jarenlang procedures over hun verblijf in Nederland. 

"De kinderen hebben geen recht op een asielvergunning in Nederland. Zij kunnen deze alleen krijgen als zij moeten vrezen voor vervolging of voor ernstige schade door de autoriteiten in Armenië. Die vrees is er niet", aldus de Raad van State.

De moeder van de kinderen is al in Armenië, zij werd vorig jaar uitgezet. Voorafgaand aan haar vertrek had ze Lili en Howick verborgen op een onbekende locatie. Inmiddels verblijven ze bij een bevriend gezin.

Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak is er geen sprake van dat de kinderen in Armenië in een "mensonterende situatie" terecht zouden komen. 

'In Armenië is er niets geregeld voor de kinderen'

Patricia Scholtes, de advocaat die de kinderen bijstaat, noemt het besluit "onbegrijpelijk". Volgens haar is er niets geregeld in Armenië voor de kinderen. "Er is geen woning en er is geen school geregeld. Dat betekent dat ze eerst naar een weeshuis gaan."

De kinderrechtenorganisatie Defence for Children reageert "verbijsterd". "De rapporten van de anders zo gezaghebbende Raad voor de Kinderbescherming worden hier van tafel geveegd. En dat terwijl de Raad duidelijk heeft geconcludeerd dat uitzetting van Howick en Lili op dit moment niet verantwoord is."

In juli oordeelde de bestuursrechter dat staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Mark Harbers opnieuw moest  kijken naar de asielaanvraag. Hij ging hierop in hoger beroep. De Raad van State oordeelt nu dat zijn besluit juist was om de asielaanvraag van de kinderen af te wijzen.

'Kinderen nu dupe van volwassenen met meningsverschil'

Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer vindt dat ''in alle rust en zorgvuldigheid'' moet worden bekeken wat nu het beste is voor Lili en Howick. Ze kan in haar positie niet inhoudelijk ingaan op uitspraken van de rechter.

Kalverboer was het er vorig jaar niet mee eens dat de uitzetting van de moeder naar Armenië doorging, zonder haar twee kinderen. De kinderen waren ondergedoken en konden later terecht bij een bevriend opvanggezin. Kalverboer vroeg zich hardop af wat het landsbelang was om de moeder gescheiden uit te zetten.

De algemene insteek van de Kinderombudsman is dat kinderen die langer dan vijf jaar in Nederland zijn en dus hier zijn geworteld, in Nederland moeten kunnen blijven. 

De kinderen zijn nu de dupe van volwassenen die het niet met elkaar eens zijn, vindt Kalverboer. Volgens het Kinderrechtenverdrag moet er bij de belangen van kinderen worden gekeken naar veiligheid, zorg, toegang tot onderwijs, maar ook naar de vraag of de volwassenen die voor het kind zorgen, dat wel kunnen of daartoe ondersteund worden.