In het oude kantoor van de Belastingdienst in Leeuwarden woedt sinds vrijdagochtend een grote brand.

De overheid heeft een NL-Alert naar de inwoners van de Friese stad gestuurd. De brandweer spreekt van een "zeer grote brand". De eerste meldingen kwamen rond rond 8.30 uur vanochtend binnen.

De hulpdiensten hebben de brand inmiddels opgeschaald naar GRIP2. Dat houdt in dat een incident gevolgen heeft voor de omgeving en wordt er gesproken van een regionaal effectgebied. Verschillende hulpdiensten werken samen bij de bestrijding.

Het Leeuwarder ziekenhuis MCL stopte vrijdagochtend tijdelijk met operaties door de rook die door de brand in het ziekenhuis terechtkwam. Er zijn geen gevaarlijke stoffen in de lucht gemeten, dus er kan inmiddels weer worden geopereerd, aldus een woordvoerder.

De rook trekt inmiddels over de hele stad. Naast woningen zijn ook enkele kantoorpanden in de omgeving ontruimd. Bij een nabijgelegen school moeten de docenten en leerlingen binnen blijven. Ook het station ondervindt hinder van de rook. Vaarverkeer in de omgeving is stilgelegd.

Omwonenden worden in verband met de zware rookvorming gesommeerd binnen te blijven, ramen en deuren te sluiten en de ventilatie uit te zetten. Enkele inwoners in de directe omgeving van het pand hebben op last van de brandweer hun woning moeten verlaten.

Blussen

De brandweer is met meerdere blusvoertuigen ter plaatse. Rond 13.00 uur waren de hulpdiensten nog bezig het vuur te blussen. Volgens een gemeentewoordvoerder probeert de brandweer vanaf de buitenkant het pand af te koelen.

"Ze moeten eerst een doorgang zien te creëren, dan gaan ze proberen sloopwerkzaamheden uit te voeren om bij het vuur te kunnen", aldus de woordvoerder. Het vuur zou onder meer in plafonddelen zitten.

In het pand, dat zich aan de Tesselschadestraat 4 aan de rand van het stadscentrum bevindt, waren vijf mensen aanwezig, allen anti-kraakbewoners. Zij zijn veilig uit het gebouw gehaald en elders opgevangen.

Rond 13.45 werd het sein "brand meester" gegeven, hoewel de bluswerkzaamheden nog bezig zijn.