Het voorarrest van de 38-jarige Mohamed A., die wordt verdacht van financieren van terrorisme, is opgeheven. Hij mag de rechtszaak tegen hem thuis met een enkelband afwachten.

Het Openbaar Ministerie (OM) en verdediging verschilden woensdag met elkaar van mening over het doel van de Limburgse stichting Baby Care, waarvoor de verdachte actief was.

Volgens de verdediging haalde de stichting geld op om mensen in nood te helpen in oorlogsgebied in Syrië, maar volgens het OM werd het geld gebruikt voor het financieren van terrorisme.

A. is bestuurslid van de Al Houda Moskee in Geleen. Baby Care werd vanuit de moskee opgezet.

A. en een inmiddels vrijgelaten medeverdachte werden gearresteerd na invallen in de moskee in februari 2017. Het OM verdenkt A. van deelname aan een terroristische organisatie, het financieren ervan en witwassen.

Wanneer de zaak inhoudelijk wordt behandeld, is nog niet bekend. Tot die tijd mag A. thuis blijven.

Paspoort

Hij mag de moskee in Geleen niet in, er niet langer optreden als secretaris en Nederland niet verlaten. Hij mag ook niet doorgaan met wervings- en hulpverleningsactiviteiten en moet zijn paspoort inleveren.

De rechtbank ging akkoord met het verzoek van de verdediging om nog drie getuigen te horen; twee medewerkers van de Belastingdienst en een werknemer van Fukara Der.

Het opheffen van het voorarrest gaat op 23 mei in. Dat heeft te maken met het voorbereiden van de enkelband.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!