Oud-premier Dries van Agt moet mogelijk getuigen in een proces over de treinkaping bij De Punt in 1977. Dat gaat advocaat Liesbeth Zegveld, die nabestaanden van twee doodgeschoten Molukse treinkapers bijstaat, de rechtbank in Den Haag verzoeken. Ook wil ze vier hoge militairen onder ede laten getuigen.

Zegveld probeert erachter te komen met welke geweldsinstructie de mariniers de kaping bij De Punt beëindigden. De trein werd op 11 juni 1977 na drie weken ontzet tijdens een verrassingsactie, waarbij zes van de negen kapers werden doodgeschoten.

De advocaat heeft nieuwe verklaringen van voormalige officieren die zeggen dat de mariniers achter de schermen van hogerhand de opdracht hadden gekregen om de kapers niet gevangen te nemen, maar dood te schieten. Dat is in strijd met internationale regels.

Zegveld mocht vorig najaar elf oud-mariniers horen over hun handelen bij De Punt. Net als de Staat ontkenden zij dat er zo'n geheime geweldsinstructie was. Maar uit hun verklaringen bleek dat ze direct op de treinkapers schoten, zonder te kijken of die zich overgaven of geen gevaar meer vormden.

De twee kapers om wie het proces draait, zijn doodgeschoten toen zij al zwaargewond en weerloos op de grond lagen. Dat maken de nabestaanden op uit autopsierapporten die pas recent door de Staat werden vrijgegeven.

Commandant

De bewering dat de leiding een dodelijke geweldsinstructie meegaf, komt van een hoge commandant die destijds bij de briefing betrokken was. Hier werden de mariniers geïnstrueerd die bij De Punt en bij de gelijktijdige gijzeling van een basisschool in Bovensmilde werden ingezet.

Deze commandant van de school heeft naderhand over de inhoud van de instructie gesproken met collega's. Drie van hen, oud-officieren, hebben dit op hun beurt tegen Zegveld gezegd. Met deze verklaringen wil Zegveld de rechtbank overhalen de hoogste militaire en politieke leiding van destijds te horen.

Ook wil ze oud-generaal Henk van den Breemen laten getuigen, evenals de voormalige CDA-politicus en oud-premier Van Agt, die destijds als minister van Justitie politiek verantwoordelijk was voor de acties.

De zaak gaat op 29 mei verder in de rechtbank.

Kaping

Op 23 mei 1977 kapen negen Molukkers een trein tussen Assen en Groningen. In de trein zitten 94 passagiers, van wie er veertig meteen worden vrijgelaten. 54 mensen worden uiteindelijk negentien dagen lang gegijzeld. Tegelijkertijd begint in Bovensmilde de gijzeling van 105 kinderen en vijf leerkrachten van een basisschool.

De Molukse kapers zijn boos over het uitblijven van een onafhankelijke staat. Na de inlijving van de Zuid-Molukken door Indonesië in 1950 komen veel Molukkers naar Nederland.

Ze hebben namens Nederland gevochten in het Koninklijke Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL), dat na de onafhankelijkheid van Indonesië politionele acties uitvoert. In ruil voor hun steun belooft Nederland de Zuid-Molukkers een onafhankelijke staat, maar die belofte wordt nooit ingelost.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!