Verdachten gehoord over contact voorafgaand aan vergismoord Latumahina

De rechtbank van Amsterdam heeft dinsdag de verdachten van betrokkenheid bij de 'vergismoord' op Djordy Latumahina ondervraagd over de periode voorafgaand aan de schietpartij in oktober 2016. Het gaat onder meer over het onderlinge contact tussen de mannen.

Het Openbaar Ministerie (OM) toonde bij een eerdere regiezitting een presentatie waarin, aan de hand van verkeersbewegingen van onder meer auto's die zijn gebruikt bij de moord en mobiele telefoongegevens, een link werd gelegd met de verdachten. De rechtbank ging nader in op die ritjes, waaruit bleek dat ze elkaar kenden.

Zo denkt het OM dat de verdachten op 4 oktober een voorverkenning hebben uitgevoerd. Volgens AT5 en De Telegraaf werd de telefoon van een van de verdachten, Cedric R., die avond uitgepeild in de buurt van het Koningin Wilhelminaplein in Amsterdam-West. Dit is de plek waar Latuhamina met zijn gezin woonde.

De 31-jarige Latumahina werd samen met zijn vriendin en hun dochter op 8 oktober in de auto in de garage onder hun appartementencomplex beschoten. Latumahina overleed ter plekke, zijn vriendin raakte zwaargewond. Hun destijds 2-jarige dochter zat achterin, maar bleef ongedeerd.

Drugshandel

R. verklaart volgens de Amsterdamse stadszender en de krant de avond van 4 oktober niet aanwezig te zijn geweest in de buurt van het huis van Latumahina. Wel had hij een ontmoeting met twee andere andere verdachten, te weten Tony D. en Djurgen W.. Hij zou hen een tas met wiet hebben overhandigd, waarin ook zijn telefoon zat.

Het OM ziet D. en W. als de schutters. Zelf verklaren de mannen in de drugshandel te zitten en de drugs voor R. te hebben vervoerd. Welke bestemming ze hadden weten ze niet meer. 

De rechtbank noemde het dossier in deze zaak, waar negen dagen voor zijn uitgetrokken, ''enorm complex en enorm gedetailleerd''. In totaal staan zeven verdachten terecht, van wie er eentje niet bij was vanwege rugklachten.

Lees meer over:
Tip de redactie