Politieleiding erkent dat recherche werk niet aankan

De politieleiding herkent het beeld dat politiebond NPB schetst in een alarmerend rapport over de staat waarin de recherche verkeert. 

Plaatsvervangend korpschef Henk van Essen en de Amsterdamse politiechef Pieter-Jaap Aalbersberg, die landelijk de leiding heeft over opsporing, bevestigen dat de recherche zaken noodgedwongen "op de plank'' laat liggen.

In het rapport staat dat Nederland "aan veel kenmerken van een narcostaat" voldoet. Drugscriminelen worden vaak ongemoeid gelaten en nestelen zich in legale bedrijfstakken.

"De keuze valt meestal op zichtbare zaken die een grote impact hebben op de slachtoffers", bevestigen de topmensen van de politie. Onzichtbare misdaad die niet direct slachtoffers maakt, zoals drugshandel, dreigt aan het zicht van de politie te worden onttrokken.

Mammoettanker

Net als de vakbond pleit de politietop voor meer capaciteit. Maar daarnaast is er behoefte aan nieuwe technieken. Van Essen en Aalbersberg wijzen erop dat al op tientallen plaatsen wordt geëxperimenteerd. Maar de politie is als een mammoettanker, zeggen ze. "Het duurt even voor we op gang komen."

Een ander probleem blijft volgens de politie de complexiteit van dossiers. "Natuurlijk moeten wij alle handelingen en bevindingen in processen-verbaal vastleggen. Maar mede door een stapeling van wet- en regelgeving bestaat een gemiddeld dossier tegenwoordig voor driekwart uit verantwoording en voor slechts een kwart uit bewijsvoering. Samen met het OM en de wetgever moeten we kijken of dat anders kan", vindt Van Essen.

Minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid liet eerder op de dag al weten dat ook hij erkent dat meer rechercheurs nodig zijn. Maar het aantal van tweeduizend dat de NPB als minimum noemt, vindt hij "erg hoog''.

Lees meer over:
Tip de redactie