Het Openbaar Ministerie (OM) heeft maandag besloten af te zien van hoger beroep in de zaak van Laura Hansen. Ook Hansen zelf gaat niet in beroep. Omdat ze al een tijd in voorrarrest heeft gezeten, hoeft ze geen gevangenisstraf meer uit te zitten.

De vrouw werd eerder veroordeeld tot elf maanden voor het voorbereiden van terroristische misdrijven. Het ging om 24 maanden, waarvan 13 voorwaardelijk. Het OM had drie jaar geëist tegen de vrouw.

Hansen werd vrijgesproken van deelname aan een terroristische organisatie. Het OM zegt het niet eens te zijn met deze vrijspraak en voldoende juridische aanknopingspunten te zien om dit oordeel aan een hogere rechter voor te leggen.

Het OM houdt echter rekening met de persoonlijke omstandigheden van de vrouw en ziet daarom van hoger beroep af.

Druk

Hansens advocaat Michiel Pestman stelt dat de druk van een nieuw proces voor haar te groot is. Ze wil zich concentreren op haar leven in Nederland en dat van haar kinderen.

Hansen heeft altijd gezegd dat ze onschuldig is en dat ze nooit van plan was iets slechts te doen. Ze noemt haar handelen vooral heel dom en heeft er grote spijt van.

Ze zei maandag dat zij mogelijk met haar ervaringen aan de slag wil om andere jongeren ervan te weerhouden dezelfde fouten te maken.

Willens en wetens

Uit verklaringen, zowel van haarzelf als van getuigen, blijkt volgens de rechtbank dat Hansen wel degelijk wist wat IS precies inhield en ook dat haar man Ibrahim daar strijder zou worden. ''Hansen is willens en wetens naar het strijdgebied gegaan'', aldus de rechtbank.

Na een jaar ontvluchtte Hansen het kalifaat, samen met haar kinderen. Het lot van haar man is onbekend.

Het OM zal in volgende zaken van vrouwelijke jihadgangers opnieuw proberen een veroordeling voor deelname aan een terreurorganisatie te krijgen. Mannelijke jihadgangers worden op dit punt al wel veroordeeld.