De 31-jarige Jaouad A. is donderdag door de rechtbank in Rotterdam veroordeeld tot vier jaar cel voor het plegen van voorbereidingen voor een terroristische aanslag. De Rotterdammer werd vorig jaar december opgepakt.

Het Openbaar Ministerie heeft direct na het vonnis laten weten in hoger beroep te gaan. Het OM had acht jaar cel geëist.

In het huis en kelderbox van A. werden een machinegeweer, munitie, zwaar vuurwerk en een vlag van Islamitische Staat (IS) gevonden.

De rechtbank acht bewezen dat A. schuldig is aan het ''actief zoeken naar, verschaffen en voorhanden hebben van informatie over het radicale, extremistische gedachtegoed van de gewapende jihadstrijd".

Op zijn computer werd ook een instructie gevonden voor het maken van bommen en bomgordels. De rechtbank concludeert daarom dat de man van plan was een aanslag te plegen.

De Rotterdammer kon na informatie van de opsporingsdiensten worden aangehouden. A. zelf ontkent dat hij een aanslag wilde plegen. Het IS-materiaal had hij gelezen en bekeken voor ''onderzoek", het vuurwerk was bestemd voor de verkoop en hij was niet van plan de Kalasjnikov AK47 te gebruiken, verklaarde hij eerder tegenover de politie.

Tweede zaak

De rechtbank in Rotterdam veroordeelde donderdag nog een verdachte in een IS-gerelateerde zaak. Een 41-jarige man uit Utrecht, die in het gebied van de terreurbeweging in Irak en Syrië onder meer als kok en kabelmonteur werkte, kreeg drie jaar celstraf.

Voor de rechtbank staat vast dat het voor hem ''volstrekt duidelijk moet zijn geweest dat IS het plegen van terroristische misdrijven als oogmerk heeft''. Voor zover bekend heeft hij zelf geen geweld gebruikt, maar volgens de rechtbank heeft hij door zijn werkzaamheden wel IS ondersteund.