Het gebiedsverbod dat de omstreden imam Fawaz Jneid deze zomer kreeg opgelegd van het ministerie van Justitie en Veiligheid voor twee wijken in Den Haag is onterecht en moet direct worden opgeheven. Dat betoogde de Syrisch-Libanese imam donderdag in de rechtbank in Den Haag.

Volgens Jneid belemmert het gebiedsverbod hem in zijn vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting. Het ministerie vindt echter dat Jneid een jihadistische boodschap predikt, oproept tot geweld en daarom - zeker in de wijken waar radicalisering op de loer ligt zoals de Schilderswijk en Transvaal - daar niet mag komen.

Het gebiedsverbod is half augustus opgelegd, in nauw overleg met de Haagse burgemeester Pauline Krikke. Jneid: ''De burgemeester zegt dat ik een radicale moslim ben omdat ik anti-homo's ben. Wat heeft dat met terrorisme te maken?", vroeg de imam de rechter.

Jneid zou in een illegaal gebedshuis in Den Haag preken. De rechtbank heeft inmiddels besloten dat er geen gebedsdiensten meer gehouden mogen worden. Het bedrijfspand staat geregistreerd als boekwinkel, maar zou als moskee gebruikt worden. Dat is in strijd met de bepalingen in de erfpachtakte. Ook hadden omwonenden geklaagd.

Drastisch

Ondanks meerdere verzoeken om te stoppen met preken in de Cillierstraat, bleef Jneid volgens het ministerie doorgaan. Daarom is besloten tot de drastische maatregel van een gebiedsverbod van zes maanden, de maximale periode dat die maatregel opgelegd kan worden. De Cilliersstraat valt in het gebied waar Jneid niet mag komen.

De rechter doet op 23 november uitspraak over de rechtmatigheid van het gebiedsverbod.