Onderwijsinspectie houdt rekenen en wiskunde tegen het licht

De Inspectie van het Onderwijs gaat volgend jaar onderzoeken wat de oorzaak is van het dalende niveau van het reken- en wiskundeonderwijs in Nederland.

Een woordvoerder heeft een bericht daarover in De Telegraaf bevestigd. Het onderzoek is aangekondigd in het jaarwerkplan 2018 van de inspectie.

De inspectie wil meer inzicht krijgen in de vraag "welke oorzaken een rol spelen bij de neergaande trend. Het niveau van het reken- en wiskundeonderwijs staat onder druk."

Het is niet zo dat het rekenonderwijs in Nederland echt slecht te noemen is. "Het basisniveau is prima in orde", licht een woordvoerder van de Inspectie toe. "Maar we hebben minder uitschieters naar boven dan andere landen. We willen weten hoe dat komt en wat we er aan kunnen doen."

Tafels stampen

In De Telegraaf suggereert onderwijsexpert Marcel Schmeier dat een serieus probleem is dat er geen tafels meer worden gestampt, zoals vroeger het geval was. Sinds 2004 wordt op basisscholen de methode van het 'realistisch rekenen' toegepast.

Dit betekent globaal dat moeilijke sommen worden uitgelegd aan de hand van verhaaltjes. Dit zijn ook het soort opdrachten dat de laatste jaren domineert in Cito-toetsen in het voortgezet onderwijs.

Achterhaald

De Inspectie beklemtoont dat de discussie over het nut en de noodzaak van 'realistisch rekenen' achterhaald is. "Je ziet juist dat de afgelopen jaren het realistisch rekenen en de oude vorm van rekenonderwijs, dus het tafels stampen, meer naar elkaar toegroeien", aldus de zegsman.

Het is gebruikelijk dat de Inspectie eens in de zoveel jaar bepaalde belangrijke vakken tegen het licht houdt. Maar het ontbreken van 'piekleerlingen' heeft er wel voor gezorgd dat rekenen en wiskunde in 2018 prioriteit hebben gekregen.

Tip de redactie