De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) onderzoekt twee ernstige incidenten die afgelopen kwartaal plaatsvonden op de luchthaven Schiphol.

Bij het eerste incident raakte tijdens de start de staart van een vliegtuig de grond: een zogeheten tailstrike.

Bij het tweede voorval kreeg de bemanning van een passagiersvliegtuig toestemming van de luchtverkeersleiding om op te stijgen terwijl op de baan nog een voertuig van de vogelwacht aanwezig was. Dat maakt de OVV bekend in een dinsdag gepubliceerd kwartaalrapport.

In de rapportage staat dat op 21 april de staart van een Boeing 777 de baan raakte tijdens het opstijgen. De bemanning besloot uit voorzorg terug te keren naar Schiphol, nadat het vliegtuig brandstof had geloosd boven de Noordzee.

Frequentie

Op 31 mei gaf de verkeerstoren een Canadair Regional Jet CRJ-900 toestemming om op te lijnen voor startbaan 36L, terwijl de vogelwacht op dat moment bezig was met een inspectie van deze baan. Ook hiervoor had de verkeerstoren toestemming verleend.

Een medewerker van de vogelwacht, die in zijn auto luisterde naar de frequentie van de baanverkeersleider, hoorde van de startklaring en nam direct contact op met de verkeersleiding.

De toestemming voor de CRJ-900 om zich klaar te maken voor vertrek, werd daarop ingetrokken.

Minder complex

De OVV waarschuwde in een rapport op 6 april al dat ingrijpende maatregelen nodig zijn om de veiligheid te garanderen op Schiphol. Aanleiding voor het onderzoek waren ook toen diverse incidenten op de belangrijkste luchthaven van het land, zoals bijna-botsingen tussen vliegtuigen.

De raad schreef onder andere dat de afhandeling van het vliegverkeer veel minder complex moet worden ingericht en stelde dat de overheid zich nadrukkelijker op moest stellen als eindverantwoordelijke.

Een kwetsbaar punt van Schiphol is dat sommige start- en landingsbanen elkaar kruisen. Dat kan tot linke situaties leiden, bijvoorbeeld als een landend vliegtuig een doorstart moet maken en het pad van een opstijgend vliegtuig kruist.

Discussie

De OVV besteedt in de kwartaalrapportage van dinsdag opnieuw aandacht aan de "fundamentele discussie die nodig is over de toekomst van de luchtvaart in Nederland en de mogelijkheden en beperkingen van groei van de luchthaven".