Er is onvrede over het onderzoek door een onafhankelijke expert naar standrechtelijke executies in de jaren veertig door het Nederlandse leger in Zuid-Sulawesi. Dat zegt advocaat Liesbeth Zegveld, die spreekt namens nabestaanden die een claim hebben ingediend tegen de Nederlandse staat. Het onderzoek is onder meer vertraagd.

Deskundige Robert Cribb was in januari 2016 door de rechtbank in Den Haag aangesteld. Hij moest onder meer kijken of er op erevelden op Sulawesi behalve slachtoffers van standrechtelijke executies ook gesneuvelden kunnen liggen van de 'gewone’ strijd in het voormalig Nederlands-Indië.

Dat is belangrijk voor de beoordeling van de claims. Door de executies in '46-'47 in Zuid-Sulawesi kwamen zeker 3.500 mannen om.

Het rapport had in december klaar moeten zijn, maar na zijn aanstelling liet Cribb niet veel meer van zich horen. Toen het rapport er in december nog steeds niet was en Cribb ook niet liet weten hoe het ermee stond, is volgens Zegveld zelfs gekeken naar een alternatief voor hem.

Vragen

Eind maart stuurde Cribb toch een concept van een gedeelte van het onderzoek. Maar volgens Zegveld is het onder de maat. Vragen zouden onjuist zijn geïnterpreteerd of helemaal niet beantwoord. Zo zijn volgens Zegveld wel erebegraafplaatsen bezocht, maar is niet onderzocht hoe ze tot stand zijn gekomen en is daar ook niet met betrokkenen over gesproken.

De Nederlandse staat vindt dat er moet worden gewacht tot het onderzoek helemaal klaar is. Over de uitkomsten kan dan later worden gesproken bij de rechtbank, aldus een woordvoerder. Zegveld vindt echter dat zo tijd wordt gerekt, terwijl de nabestaanden die hun echtgenoot of vader zouden hebben verloren al bejaard zijn.

Rechtbank

Bij de rechtbank Den Haag wordt maandag gesproken over de kwestie. Daar zal het ook gaan over het snel oplopende aantal claims. Momenteel lopen er zo’n negentig zaken en zijn er nog honderden in voorbereiding.