De zitting over de herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling van Volkert van der Graaf zal plaatsvinden op 17 januari om 13.30 uur. Dat meldt de rechtbank in Amsterdam.

Het Openbaar Ministerie (OM) wil dat Van der Graaf weer voor een jaar de gevangenis ingaat omdat hij een van de voorwaarden van zijn vrijlating heeft geschonden.

Welke voorwaarde hij zou hebben overtreden, kon een woordvoerder nog niet zeggen.

Het OM heeft bij de rechtbank in Amsterdam een ''vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling'' ingediend. Tijdens de zitting komt ook aan de orde welke bijzondere voorwaarde Van der Graaf volgens het OM heeft overtreden. Van der Graaf mag de zitting in vrijheid afwachten.

De advocaat van Van der Graaf, Willem Jebbink, zei al eerder dat het OM zijn cliënt weer achter de tralies wil hebben omdat hij zich in de gesprekken met de reclassering niet constructief opstelt. De toon van de gesprekken en de antwoorden van Van der Graaf zouden onvoldoende zijn.

''Als dat zo is, moet je met iemand in gesprek gaan en diegene niet proberen voor een jaar lang in de cel te krijgen'', aldus Jebbink.

Voorwaarden

Van der Graaf kwam in mei 2014 onder voorwaarden vrij. Hij had toen twee derde van zijn straf van achttien jaar cel uitgezeten. Hij schoot politicus Pim Fortuyn op 6 mei 2002 op het Mediapark in Hilversum dood. Van der Graaf was na zijn vrijlating gebonden aan een aantal bijzondere voorwaarden, zoals een contactverbod met de nabestaanden, een mediaverbod en een meldplicht bij de reclassering. Ook stond hij onder toezicht van die laatste partij.

Van der Graaf ging onder meer tegen verplichte begeleiding van een psycholoog in beroep en kreeg afgelopen september gelijk van het gerechtshof in Den Haag.

Meewerken

Het hof oordeelde wel dat Van der Graaf moet blijven meewerken aan de evaluatie van de hem opgelegde voorwaarden. Ook moet hij zich regelmatig blijven melden bij de reclassering om informatie te geven en vragen te beantwoorden over de situatie waarin hij verkeert.

Minister Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie) liet dinsdag weten dat hij kennis heeft genomen van de wens van het OM. Volgens hem is het nu verder aan de rechter om een oordeel te vellen.