Veronderstelde nepbom Pegida-betoging Amsterdam was vuurwerkbom

De veronderstelde nepbom die was neergelegd bij het stadhuis in Amsterdam voorafgaande aan een Pegida-betoging in februari was een vuurwerkbom. 

Dat blijkt uit het politiedossier dat deels in handen is van Het Parool.

Een woordvoerder van de gemeente bevestigt aan de krant dat het om een echt explosief ging dat van afstand tot ontploffing had kunnen worden gebracht. Politie en gemeente spreken beiden van een 'vuurwerkbom'. 

Volgens de eerste lezing bevatte het verdachte pakketje vuurwerk dat volgens de politie "bedrieglijk echt" op een explosief leek. Waarom er eerst de conclusie is getrokken dat het om een nepbom ging is niet duidelijk.

Het verdachte pakketje werd aangetroffen in een fietstas die bij de Stopera stond. Daarop werd besloten het gebouw en omliggende woonboten te ontruimen. 

Bekijk beelden van de demonstratie in februari:

EOD

De Explosieven Opruimings Dienst (EOD) heeft de bom uiteindelijk onschadelijk gemaakt. Het Parool meldt dat in het dossier staat dat het om twee rookbommen van 25 centimeter lang gaat, van het type Mega White Smoke XXL.

Hoe krachtig de bom was wil de politie niet zeggen, maar volgens burgemeester Eberhard van der Laan had een explosie tijdens de demonstratie verstrekkende gevolgen kunnen hebben.

Een 43-jarige Amsterdammer werd op 26 februari gearresteerd op verdenking van het plaatsen van de bom, maar hij bleek onschuldig.

Demonstreren

De anti-islambeweging Pegida had toestemming gekregen te demonstreren op het plein voor het Amsterdamse stadhuis. Na de vondst van een verdacht pakketje moesten de betogers uitwijken naar een andere plek.

Dat wilden ze niet, waardoor de demonstratie onrustig verliep en Van der Laan de protestactie voortijdig beëindigde.

Lees meer over:
Tip de redactie