Gemeentes met inwoners met een laag inkomen vingen de afgelopen tien jaar meer dan drie keer zo veel mensen op als gemeentes met rijke inwoners.

Dat blijkt maandag uit eigen onderzoek van de NOS.

In ons land waren jaarlijks gemiddeld 25.283 bedden beschikbaar voor asielzoekers in opvanglocaties. De honderd armste gemeentes namen bijna de helft voor hun rekening. De honderd rijkste gemeentes hadden samen plek voor slechts 3354 asielzoekers.

Gemeentes als Pekela, Stadskanaal, Vlagtwedde, Het Bildt en Dongeradeel behoren tot de tien armste gemeentes van Nederland met een gemiddeld besteedbaar inkomen per inwoner van minder dan 18.000 euro per jaar. Samen boden deze gemeentes jaarlijks plek aan bijna 4000 asielzoekers, meer dan de honderd rijkste gemeentes samen.

Lege gebouwen

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zegt dat vooral wordt gekeken naar plaatsen met grote lege gebouwen en waar de politiek bereid is een grote groep op te vangen. Vooral in het noorden van het land staan kazernes, verzorgingshuizen, gevangenissen en vakantieparken leeg, aldus het COA.

Het grote verschil kan ook te maken hebben met het economisch voordeel dat de opvang oplevert in de vorm van banen bij de bouwwerkzaamheden en het beheer. Maar de meeste gemeentes die de NOS sprak, zeggen dat ze het niet voor het geld doen.

De rijkere gemeentes Heemstede, Bloemendaal en Blaricum laten weten dat er geen sprake is van onwil. Ze zeggen nog nooit gevraagd te zijn door het COA, maar er best over te willen nadenken.