Er zijn geen feiten of omstandigheden om af te zien van de bouw van een nieuwe moskee in Gouda. Minister Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie) zei dat donderdagavond in de Tweede Kamer. 

Hij benadrukte dat het om een lokaal proces gaat, dat bovendien nog loopt, en dat er geen reden is voor het kabinet om zich erin te mengen.

In Gouda was ophef ontstaan over de plannen voor de bouw van een grote moskee. Inmiddels loopt er overleg over een kleinere moskee. In juli neemt de gemeente een besluit over de plannen voor nieuwbouw op het oude militaire terrein, waar ook een school en een dagverblijf zouden komen.

Het kabinet is alert op radicalisering, zei Van der Steur. Het Openbaar Ministerie en opsporingsdiensten zullen volgens hem ingrijpen als er sprake is van jihadistische invloeden of als predikers haat zaaien. Ook loopt er een breed onderzoek naar salafisme, een ultraorthodoxe stroming binnen de islam.

Geldstroom

De Tweede Kamer is bezorgd dat islamitische instellingen geld krijgen vanuit het buitenland en daarmee invloed uitoefenen op moslims in Nederland. Maar ook fondsen werven in het buitenland mag, mits instellingen zich hierbij aan de wet houden, aldus de minister.

Uit onderzoek blijkt dat 0,05 procent van het geld voor de nieuwe moskee in Gouda uit het buitenland komt. De SP wil dat de gemeente dit onderzoek openbaar maakt. Een officieel verzoek (Wob) daartoe is echter afgewezen, maar Van der Steur verwees opnieuw door naar de gemeente.

VVD en ChristenUnie dringen aan op gerichter onderzoek naar salafisme en geldstromen in Nederland.