Hoger beroep rond monstransroof Catharijneconvent moet over

Het hoger beroep van een van de mannen die bij de monstrantsroof in Utrecht op de uitkijk stond, moet over. De Hoge Raad heeft dinsdag zijn veroordeling vernietigd. 

Volgens de Hoge Raad kan het medeplegen van het stelen van het honderden jaren oud religieus voorwerp niet ''zonder meer worden afgeleid'' uit het bewijs dat bij het hof op tafel lag.

De man was één van de drie verdachten die het gerechtshof in Arnhem eind maart vorig jaar in hoger beroep celstraffen van 3,5 en 3 jaar oplegde voor de diefstal. De roof werd gepleegd in het Catharijneconvent.

De diefstal in januari 2013 schokte gelovigen. De vergulde monstrans is een honderden jaren oud religieus voorwerp, ingelegd met diamanten. Een van de anderen sloeg overdag met een moker de vitrine kapot en ging er met het voorwerp vandoor.

Gedeeltelijk teruggevonden

De monstrans had een verzekerde waarde van 250.000 euro. Een belangrijk gedeelte met diamanten ontbreekt nog steeds.

De rest van de monstrans werd twee weken na de roof gehavend teruggevonden op de achterbank van de auto van een van de verdachten, die ermee naar België reed.

Tip de redactie