Het Openbaar Ministerie (OM) wil dat fraude met eieren bestraft wordt. Het gaat om broederijen die hun waren ten onrechte verhandelen als scharreleieren of vrije uitloop-eieren.

In een voorbeeldzaak tegen een broederij uit Gelderland en drie pluimveehouders uit Friesland, Limburg en Noord-Brabant wil het OM dat de rechtbank boetes tot 150.000 euro oplegt. 

De eigenaren en leidinggevenden moeten werkstraffen tot 240 uur plus voorwaardelijke celstraffen tot acht maanden krijgen. Dat heeft de aanklager donderdag geëist bij de rechtbank in Arnhem.

Volgens het OM schaadt de fraude het consumentenvertrouwen en de exportpositie van Nederland. Ook is het schadelijk voor het dierenwelzijn en het milieu.

Ten onrechte

Na onderzoek naar zulke fraude tussen 2009 en 2011 concludeert het OM dat broederijen meer leghennen aan kippenhouders leverden dan op facturen vermeld staat.

Kippenhouders overschreden zo hun pluimveerechten en lieten eieren ten onrechte bestempelen en verpakken als scharrelei of vrije uitloop-ei.

De broederij uit het Gelderse Babberich heeft naar schatting van het OM in de onderzochte periode 550.000 hennen te veel geleverd aan ongeveer honderdtwintig pluimveehouders en daarvoor 535 facturen gemaakt die mogelijk frauduleus waren. 

Uitgaande van driehonderd eieren per hen betekent dat het om zo'n 165 miljoen eieren moet gaan. Dat is een doos van tien eieren per inwoner van Nederland. Die frauduleuze eieren zijn echter niet allemaal in de strafzaak terechtgekomen.

Willekeur

De advocaten van de broederijen stellen dat 2 procent overschrijding mocht, als compensatie voor de 'opstartfase', waarin een hen niet goed legt.

De willekeur in vervolging vinden ze stuitend en het bewijs te mager, terwijl hun cliënten zijn afgeschilderd als criminele dierenbeulen, met zielige televisiebeelden die de waarheid geweld aandeden.

Onderzoek

Het OM heeft uit een veel breder onderzoek enkele opvallende kwesties uitgewerkt tot strafzaak. Daarbij is een landelijke spreiding gekozen. Voor de strafzaak zijn negen valse facturen aan drie kippenhouders uitgewerkt. In de onderzochte periode telde Nederland duizend leghennenhouders en vijf broederijen.

Andere broederijen zijn bekeken, maar zijn niet verdacht geworden. Gegevens uit het onderzoek zijn wel gebruikt voor het verbeteren van toezicht, de werkwijze van accountants, controles en regelgeving.