Het Openbaar Ministerie (OM) is kritisch over de uitzonderlijk strenge detentie van jihadverdachten op terrorismeafdelingen (TA) in Nederland. 

"Ik snap wel dat men denkt: 'dat zijn terroristen, daar moet je extra voorzichtig mee zijn'. Maar wij pleiten voor maatwerk. Wij gaan er echter niet over. Soms tot mijn eigen verdriet", aldus officier van justitie Bart den Hartigh vrijdag in Vrij Nederland. "Een benadering met de botte bijl is niet verstandig", stelt hij.

Den Hartigh is coördinator terrorismebestrijding binnen het landelijk parket. Hij begrijpt naar eigen zeggen niet waarom het regime op de terrorismeafdelingen zo streng is: "Het is in ieder geval nooit de doelstelling van de TA geweest."

Het OM heeft volgens Den Hartigh al eerder laten weten dat het regime voor sommige verdachten anders kan, maar dat heeft volgens hem "lang niet altijd tot aanpassingen geleid".

Den Hartigh: "Wij zijn natuurlijk geen gedragsdeskundigen, dus kunnen we het misschien ook niet helemaal beoordelen. Maar soms is het ook gewoon een kwestie van gezond verstand."

Advocaten

Ook verschillende advocaten zijn kritisch over de terrorismeafdelingen. "Het is een vorm van paranoia die nergens over gaat. Zo kweek je juist terroristen, of in ieder geval mensen met een extremistisch gedachtegoed. Je creëert zij tegen de rest", zegt de Maastrichtse advocaat Serge Weening.

Volgens Michiel Pestman, raadsman van Azzedine C. (beter bekend als Abou Moussa), zijn de regels aangescherpt na de aanslagen in Frankrijk. "Als je dan vraagt waarom, zegt de gevangenisdirecteur: dat zijn nu eenmaal de regels", aldus Pestman. 

Advocaat André Seebregts heeft zich al vaker kritisch uitgelaten over het systeem. Hij beschrijft in Vrij Nederland  de protocollen voor visitatie op de terrorismeafdelingen: "Cliënt moet zich volledig uitkleden, zijn scrotum optillen zodat men onder zijn geslachtsdeel kan kijken, vervolgens bukken en zijn billen spreiden zodat men in zijn anus kan kijken." 

Jihadverdachten Oussama C., Azzedine C. en Rudolph H. waren donderdag uit protest tegen de protocollen op de terrorismeafdeling niet aanwezig bij de pro-formazitting van het zogeheten Context-onderzoek naar jihadverdachten. 

Reactie ministerie

Een woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie laat weten niet op individuele zaken in te kunnen gaan. "Maar we kennen de klachten van de TA-gedetineerden. Die zijn sterk overdreven. Het pas ook in hun straatje om zichzelf als martelaar te presenteren."

Twee Nederlandse gevangenissen hebben op dit moment een terrorismeafdeling: Vught en Rotterdam. Terreurverdachten worden daar apart gedetineerd, onder meer om radicalisering van andere gevangenen te voorkomen.