Het Openbaar Ministerie gaat in voorlopige cassatie tegen de uitspraak van het gerechtshof in Leeuwarden in de zaak Baflo. 

Dat zeggen het OM en advocaat Mathieu van Linde donderdag tegen NU.nl. 

De 29-jarige Alasam S. werd vorige week in hoger beroep veroordeeld tot zes jaar cel en tbs met dwangverpleging voor het doden van zijn vriendin en een politieman in het Groningse Baflo in 2011.

Het OM eiste in hoger beroep 22 jaar. Volgens het hof is het van belang dat de tbs-behandeling zo snel mogelijk begint. Daarom viel de celstraf van zes jaar aanzienlijk lager uit.

Voorlopig

Het OM zegt voorlopig cassatie te hebben ingesteld "om de termijn veilig te stellen".

"De beslissing om over te gaan tot cassatie moet binnen twee weken genomen worden", zegt een woordvoerder. "We hebben cassatie nu ingesteld, omdat we meer tijd nodig hebben om het arrest goed te bestuderen. Begin volgend jaar beslissen we of cassatie wordt doorgezet."

Vrijspraken

Van Linde, advocaat van Alasam S., ontving donderdag de akte van het cassatieberoep. De advocaat zegt dat het beroep "niet gericht [is] tegen de vrijspraken van moord en pogingen tot moord en de gekwalificeerde doodslag". 

"Het cassatieberoep is gericht op de beslissing over de strafoplegging en de maatregeloplegging", aldus Van Linde. 

Het OM kan dit bevestigen. "Het gaat om de strafbaarheid van de verdachte, en de strafmaat. In de bewezen verklaring kunnen we ons vinden."

Ontoerekeningsvatbaar

De uitgeprocedeerde asielzoeker uit het Afrikaanse Benin sloeg in april 2011 zijn 29-jarige vriendin Renske Hekman met een brandblusser dood.

Even later schoot S. ook de 48-jarige politieman Dick Haveman dood met zijn dienstwapen, dat S. wist te bemachtigen toen de politie hem wilde arresteren. S. schoot ook op twee dorpsbewoners, van wie er een gewond raakte.

Het hof achtte twee keer doodslag, twee keer poging tot doodslag en een poging tot zware mishandeling bewezen, echter kan de dood van Hekman de man uit Benin niet worden toegerekend, vanwege "volledige ontoerekeningsvatbaarheid". S. verkeerde volgens het hof in een accute psychotische stoornis.

De dood van agent Haveman kan hem volgens het hof wel worden toegerekend. Bij het doden van de agent speelde de psychose wel een rol, maar niet in die mate dat hij volledig ontoerekeningsvatbaar was.