Broedvogels in de Waddenzee hebben het moeilijk. Hun aantal is in de laatste twintig jaar flink achteruitgegaan. 

Voor sommige soorten, zoals de lepelaar, valt nu al te voorspellen dat hun aantal in de komende jaren niet zal groeien.

Dat blijkt uit een omvangrijke studie van Sovon Vogelonderzoek Nederland en het Vogeltrekstation van NIOO-KNAW, die donderdag in Nijmegen wordt gepresenteerd.

Alle gegevens van 54 broedvogelsoorten sinds 1994 zijn naast elkaar gelegd en opnieuw geanalyseerd. Vooral het aantal kluten, strandplevieren, velduilen, scholeksters en blauwe kiekendieven is zorgwekkend gedaald volgens de onderzoekers.

Beschermd

Jaarlijks bezoeken miljoenen trekvogels de Waddenzee, een beschermd natuurgebied. Maar ondanks de beschermde status zijn de natuurwaarden van dit gebied in twintig jaar tijd aanzienlijk slechter geworden, stellen de onderzoekers.

Eerst kregen vogels die op droogvallende wadplaten broeden daar last van. Nu blijkt dat alle soorten broedvogels in de Waddenzee achteruitgaan.

Sovon, het Vogeltrekstation, de Vogelbescherming en de Radboud Universiteit Nijmegen openen donderdag het Centre for Avian Population Studies (CAPS), dat voortdurend onderzoek in databanken gaat doen. Het is de bedoeling dat onderzoek van CAPS de basis gaat vormen voor natuurbeleid en -beheer.