'Ronselaar' Imad el O. (23) moet wat Justitie betreft 240 uur werkstraf krijgen en een voorwaardelijke celstraf van drie maanden. 

Volgens de aanklagers nam hij op 22 maart 2013 een toen 16-jarig meisje zonder toestemming van haar ouders mee naar vliegveld Zaventem bij Brussel en wilde hij haar via Egypte naar Syrië laten reizen, zo zeiden ze maandag bij de rechtbank in Den Haag.

Volgens El O. was het doel niet om naar Syrië te reizen om mee te doen aan de strijd daar, maar om samen naar Egypte te gaan om daar Arabisch en de islam te studeren en te trouwen.

Het meisje wilde zelf met hem mee, benadrukte hij maandag voor de rechtbank in Den Haag. Ze kreeg ruzie met haar ouders over haar voorgenomen plannen om met El O. weg te gaan en te trouwen.

El O: ''Haar vader reageerde uiteindelijk dat ze moest doen wat ze wilde, maar dan hoefden we niet meer terug te komen.'' Dat zag hij als een soort toestemming van haar ouders om haar mee te nemen.

'Jihadismesausje'

Zijn advocaat Charles Starmans onderstreept dat deze zaak ten onrechte een 'jihadismesausje' heeft gekregen. Daar gaat het hier helemaal niet om, stelt hij.

Het meisje wilde vluchten voor haar ouders. Ze had problemen thuis. Van een doorreis naar Syrië is volgens hem geen enkele sprake geweest. ''Zelfs als ze niet met mijn cliënt naar Egypte was gereisd, dan was ze met vriendinnen gegaan. Ze wilde gewoon weg bij haar ouders.''

Syriëganger

'Jihadganger’ Maher H. (20) heeft in Syrië hulp verleend. Dat verklaarde hij tijdens het proces tegen hem voor de rechtbank in Den Haag.

''Ik heb voedselpakketten uitgedeeld en gemaakt. Ook heb ik in een magazijn met hulpgoederen geholpen’, vertelde hij. ''Ik moest onder meer voedselpakketten, dekens, kleding en medicijnen uit vrachtwagens en busjes halen.''

De verdachte moet zich bij de rechtbank verantwoorden voor terroristische misdrijven. Hij heeft volgens het Openbaar Ministerie van maart 2013 tot begin februari 2014 voorbereidingen getroffen en daarna meegedaan aan de strijd in Syrië. Hij is de eerste zogenoemde Syriëganger die moet terechtstaan.

Unicef

De Nederlander zegt zelf dat op de plek waar hij in Syrië verbleef onder meer Unicef en een Duitse en Saudische hulporganisatie actief waren. Hij verklaarde met een groep van ongeveer twintig mensen te hebben gewerkt. Of daar ook andere Nederlanders en Belgen bij waren, wil hij niet zeggen.

Maher H. benadrukte dat hij het als een verplichting zag om te gaan helpen in Syrië. ''Wat er in Syrië gebeurt. Het is heel erg en onrechtvaardig. Daarom ben ik naar Syrië gegaan.’'

De uitspraak in alle zaken staat op 1 december gepland.