Het ministerie van Defensie was al in 1987 op de hoogte van de beperkte bescherming die personeel in werkplaatsen kreeg tegen kankerverwekkende stoffen als chroom-6. De Tweede Kamer roept minister Hennis-Plasschaert daarom ter verantwoording naar de Kamer voor een debat. 

Een Kamermeerderheid schaarde zich donderdag achter een voorstel van D66.

Aanleiding voor het aanvragen van het debat was berichtgeving van de NOS. Die meldde donderdag op basis van interne documenten dat het ministerie van Defensie al in 1987 wist dat personeel dat werkte met verf waarin het giftige chroom-6 zat, onvoldoende werd beschermd.

Pas in 1998 werden er maatregelen genomen om het personeel te beschermen tegen de kankerverwekkende stoffen. Defensie deed ruim tien jaar lang niets om de risico's te beperken.

De arbeidsinspectie zou volgens de documenten in handen van de NOS al 1987 een onderzoek hebben aangekondigd naar het gebruik van chromaathoudende stoffen op vliegbasis Twenthe.

De inspectie stelde in 1993 dat er in de spuithangar van de basis sprake was van 'verboden handelingen'. Ook het ministerie in Den Haag zou bekend zijn geweest met deze kwestie.

Ingecalculeerd

De legerleiding lijkt de gezondheidsrisico voor het personeel echter te hebben ingecalculeerd en voor lief te hebben genomen dat een aantal medewerkers werd blootgesteld aan de chroomverf. De commandant van de vliegbasis zei in 1995 dat "het aantal werknemers dat wordt blootgesteld aan kankerverwekkende stoffen niet groter mag zijn dan strikt noodzakelijk". 

Destijds was echter al bekend dat het personeel beschermd moest worden tegen chroom-6, zegt Toxicoloog Martin van den Berg van de universiteit Utrecht. Hij reageert verbaasd dat geen enkel personeelslid van defensie blootgesteld had moeten worden aan chroom-6.

Onderzoek

Minister Jeanine Hennis-Plasschaert (Defensie) schreef half september aan de Tweede Kamer dat er een versneld en uitgebreid onderzoek komt naar het gebruik door militairen van verf met een kankerverwekkende stof.

Toen hadden zich 515 (oud-)medewerkers gemeld die met Chemical Agent Resistant Coating en chroomhoudende verf hebben gewerkt. Ongeveer twintig procent van hen heeft medische klachten.

Op alle locaties waar het verf en de primer wordt en is gebruikt, komt onderzoek, aldus Hennis. Dat gebeurt op verzoek van militaire vakbonden. Onder (voormalig) personeel is onrust ontstaan. Tot dusver beperkte het onderzoek zich tot vijf NAVO-werkplaatsen.

SP

De SP wil opheldering van minister Hennis. ''Dit is de zoveelste keer dat we vanuit de media vernemen dat Defensie meer wist over deze gifverf", aldus SP-Kamerlid Jasper van Dijk.

"Dat defensiepersoneel ermee werkte ondanks de enorme gevaren, ook al in de jaren 80. Als blijkt dat het ministerie van Defensie wel degelijk wist van de gevaren maar geen maatregelen nam en het personeel er willens en wetens mee liet werken, dan heeft de minister een probleem."