De 31-jarige Robert M., spil in de Amsterdamse zedenzaak, hoort dinsdag of zijn veroordeling tot negentien jaar cel en tbs in stand blijft of niet. 

Dan doet de Hoge Raad uitspraak in de cassatieprocedure die M. heeft aangespannen. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad vindt dat er geen reden is de klachten van M. te honoreren.

Robert M. is veroordeeld voor vergaand seksueel misbruik van tientallen zeer jonge kinderen. De zaak bracht een schokgolf in heel Nederland teweeg, ook al omdat M. medewerker was op een aantal Amsterdamse crèches.

Hij buitte die positie uit om kinderen te misbruiken, ook in huizen van gezinnen waar hij als oppas fungeerde. Veel van het misbruik legde hij vast op film. Hij gaf die beelden door aan andere pedofielen.

In hoger beroep legde het gerechtshof een jaar meer gevangenisstraf op dan de rechtbank.

Bewezenverklaring

M.'s advocaat heeft in cassatie bij de Hoge Raad onder meer aangedragen dat het hof de bewezenverklaring van een aantal misdrijven niet goed genoeg heeft gemotiveerd. Het hof bepaalde dat de ingangsdatum van de tbs niet mocht worden vervroegd, zoals M. had gevraagd. Ook daartegen heeft zijn advocaat bij de raad geprotesteerd.

Advocaat-generaal Alex Harteveld toonde zich niet onder de indruk van M.'s bezwaren en heeft de Hoge Raad geadviseerd deze te verwerpen.

Alles over de zedenzaak rond Robert M. in ons dossier