De Rotterdamse verzetsstrijdster Atie Visser is overleden.

Dat meldt RTV Rijnmond.

Ze overleed woensdag, een maand na haar 100e verjaardag. Gerarda (zoals ze voluit heet) Visser was in de Tweede Wereldoorlog koerierster voor het verzet. Onder de valse naam Karin zat ze bij de knokploeg van Marinus Post.

Ze overviel onder meer distributiekantoren om ondergedoken Joodse en andere Nederlanders te redden.

Naast haar ondergrondse werk zat de geboren Rotterdamse ook bij de Politieke Opsporingsdienst (POD), die 'foute' Nederlanders opspoorde.

Liquidaties

Ze was ook betrokken bij liquidaties. In 2011 bekende ze in een brief aan de burgemeester van Leiden de moord op de Leidse ingenieur Felix H.E. Guljé, op 1 maart 1946 - dus bijna een jaar na de oorlog - in de deuropening van zijn huis.

Tegen de burgemeester zei ze dat dat ze de moord niet had gepleegd, als ze meer over haar slachtoffer had geweten. De verzetsgroep dacht dat hij aan de kant van de nazi's stond, maar in werkelijkheid deed Guljé veel in de illegaliteit. Zo had hij ook Joodse onderduikers en hij steunde andere families die onderduikers onderdak boden. Toen Visser de daad bekende was die al verjaard.

Verzetsherdenkingskruis

De verzetsvrouw ontving onder meer het Verzetsherdenkingskruis (op 5 mei 1982). Dat mocht ze ondanks haar bekentenis houden omdat er geen regeling bestaat om een dergelijke onderscheiding terug te vorderen.

In 1999 kwam een boek van haar uit onder de titel Marinus Post alias Evert. Over een eerdere liquidatie, waar ze als lid van zijn knokploeg bij was, zei ze: ''Het was echt gruwelijk om mee te maken, maar het was echt nodig om deze man uit de weg te ruimen."