De Raad voor de Rechtspraak vreest voor de kwaliteit van de regels voor het strafrecht (wetboek van Strafvordering) door een te snelle modernisering.

Die vernieuwing moet te snel worden afgerond en doorgevoerd, waarschuwde voorzitter Frits Bakker woensdag, aan de vooravond van de start van die modernisering.

Het Wetboek van Strafvordering geeft de spelregels voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. ''Na veel reparatiewetgeving afgelopen jaren wordt het tijd voor een grondige herziening. Het nieuwe wetboek moet toegankelijker zijn, begrijpelijker en hobbels voor samenwerking in de strafrechtsketen wegnemen'', legt Bakker uit.

Zijn zorg is het tempo waarin dat moet. Het ministerie van Veiligheid en Justitie wil hier eind 2015 mee klaar zijn. ''Kwaliteit hoort voorop te staan, niet snelheid’’, meent Bakker.

Privacy

''De rechtspraak wil dat de rechtsstatelijke normen en waarden waaraan wij honderden jaren hebben gebouwd, onverminderd terugkomen in het nieuwe wetboek.''

Voor een goede modernisering is meer tijd dan anderhalf jaar nodig, concludeert de raad. Zo moeten de privacy en de andere rechten van verdachten en slachtoffers goed blijven gewaarborgd. De vernieuwing moet eerst ook worden getoetst door de beroepsgroepen die hiermee te maken krijgen, vindt Bakker. ''Dan is anderhalf jaar erg krap, benadrukt hij, zeker als je bedenkt dat voor een nieuwe wet al twee jaar nodig is.''