Het Britse ministerie van Defensie en de Amerikaanse FBI veronderstelden indertijd dat Zuid-Molukse treinkapers doelbewust zijn doodgeschoten door Nederlandse mariniers bij de beëindiging van de treinkaping bij De Punt in 1977. 

Dat blijkt uit tot voor kort geheime overheidsdocumenten, schrijft de Volkskrant. De kaping is woensdag 37 jaar geleden.

"Uit al het bewijs is duidelijk dat de mariniers de bedoeling hadden om de terroristen allen te doden, of zoveel als mogelijk, om achteraf problemen in de rechtbank te voorkomen", berichtte de Britse militaire attaché in Den Haag na afloop van de bestorming aan zijn superieuren.

Mariniers van de Bijzondere Bijstands Eenheid (BBE) bestormden op 11 juni 1977 een door Zuid-Molukkers gekaapte trein bij het Drentse De Punt. Twee gegijzelden en zes van de negen treinkapers kwamen daarbij om het leven. In Molukse kring is sindsdien gesteld dat de kapers doelgericht zijn gedood, schrijft de Volkskrant.

Geweldsinstructie

Minister van Veiligheid en Justitie Ivo Opstelten laat momenteel archiefonderzoek doen naar het incident. Zo wil hij weten met welke geweldsinstructie de mariniers aan de slag gingen. De uitkomst wordt voor 1 december verwacht.

De Engelsen hadden kritiek op het niveau van de Nederlanders, meldt de krant. De mariniers waren "niet echt fit", slecht getraind en zouden over te weinig wapens beschikking hebben.

Toch had men lof voor de bevrijding van de trein. Ondanks de acht doden waren de meesten van de circa vijftig gegijzelden immers levend bevrijd en dat was "een onverwacht goed resultaat".