Elk jaar worden 62.000 kinderen voor de eerste keer slachtoffer van een vorm van seksueel geweld. Eén op de drie kinderen maakt ooit een vorm van seksueel geweld mee. 

Dat staat in een rapport over de aanpak van seksueel geweld tegen kinderen, opgesteld door de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen, dat dinsdag is overhandigd aan minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie.

Meisjes worden relatief vaker slachtoffer van seksueel geweld dan jongens: 41 procent van hen krijgt ermee te maken, tegenover 23 procent van de jongens. Het gaat om allerlei vormen van seksueel misbruik, van schennis tot verkrachting.

De gevolgen die slachtoffers ondervinden lopen uiteen. Sommigen ervaren nagenoeg geen problemen. Bij velen heersen echter gevoelens van schaamte, nachtmerries of langdurige psychische, medische of seksuele gevolgen.

Schrik

Net als Dettmeijer noemde Opstelten het aantal gevallen van misbruik heel ernstig. ''Ik schrik er altijd van, juist omdat het is gericht tegen kinderen'', zei Opstelten. Uit de cijfers blijkt ook dat slechts drie op de tien meldingen leidt tot een aangifte. ''Dat is schokkend weinig en duidt erop dat de drempel te hoog is en omlaag moet. Want dit betekent ook dat daders niet aangepakt worden'', zei Dettmeijer, die wil dat meer meldingen moeten worden onderzocht.

Opstelten gaat hierover met de politie overleggen. De rapporteur wees erop dat maar 1 procent van de aangiftes vals is ''dus dat mag de politie er niet van weerhouden om de melding serieus te nemen.'' De crux van haar rapport vindt ze juist dat het zowel moet gaan om de slachtoffers als om de daders, die in beeld moeten komen om in te kunnen zetten op het voorkomen van zedendelicten en -misdrijven.

Bekijk de reactie van Opstelten:

Het is onbekend hoeveel mensen dader zijn van seksueel geweld tegen kinderen. De verdachten die bekend zijn, zijn vrijwel altijd mannen. van hen is 20 procent pedofiel.

Een kwart van de verdachten is zelf ook minderjarig. Meer dan een kwart heeft een verstandelijke beperking. In driekwart van de bij de politie gemelde gevallen is de beschuldigde een bekende van het kind, in een vijfde is het een familielid.

Aangifte

Slechts 9 procent van de kinderen die slachtoffer zijn van seksueel geweld durft aangifte te doen of een vertrouwenspersoon in te schakelen. Slachtoffers schamen zich of voelen zich schuldig. Het overwinnen van die schroom betekent de eerste stap op weg naar een oplossing, zegt Saskia Daru, werkzaam bij Movisie, kennisinstituut voor sociale vraagstukken.

''Het blijft voor slachtoffers en hun omgeving moeilijk over dit onderwerp te praten. Toch is dat de enige manier voor een structurele oplossing", aldus Daru. Zij onderschrijft de conclusie van nationaal rapporteur Corinne Dettmeijer, die heeft vastgesteld dat veel te weinig van de 62.000 slachtoffers per jaar in de hulpverlening terechtkomen.

Vertrouwingspersonen

Alle scholen hebben volgens Daru inmiddels vertrouwenspersonen. Daarnaast is sinds 1 juli 2013 de wet meldcode van kracht. Deze wet verplicht professionals uit onderwijs, zorg en welzijn om bij een vermoeden van seksueel geweld melding te doen bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling.

Scholen, opvoeders en hulpverleners hebben desondanks moeite de juiste toon te vinden. Er is volgens Daru soms sprake van zogenoemde handelingsverlegenheid. ''Want wat is normaal experimenteergedrag en wat is seksueel misbruik? Experimenteren is gezond, maar alleen als sprake is van vrijwilligheid, toestemming en gelijkwaardigheid.''