Tegen de 47-jarige Arnold van L. heeft het Openbaar Ministerie (OM) donderdag twintig jaar cel geëist, wegens zijn aandeel in de zogeheten Purmerlandmoorden.

Tegen drie andere verdachten eiste het OM maandag straffen van achttien en dertig jaar.

Op 20 december 2011 werden Mohamed Benbouker (30), Maurice Bouhuijs (40) en Arjan Kools (42) in de buurt van het Noord-Hollandse dorp Purmerland met een machinegeweer doodgeschoten. Van L. meldde zich kort daarna al als getuige bij de politie.

Enkele maanden later, toen het verhaal rond de koelbloedige drievoudige liquidatie voor de recherche meer contouren had gekregen, werd hij verdachte.

Wietteelt

Van L. heeft vermoedelijk een centrale rol gespeeld in het criminele drama. Hij zou in de tang hebben gezeten bij Benbouker. Beide mannen waren volop actief in de wietteelt. Benbouker zou Van L. hebben gedwongen in zijn kwekerij te werken en hem zwaar onder druk hebben gezet.

Dit zou een van de factoren zijn geweest die tot de moord op Benbouker hebben geleid. Kools en Bouhuijs waren vermoedelijke handlangers in de wietscene van Benbouker.

Informatie

Van L. heeft zelf geen geweld gebruikt, maar heeft de feitelijke moordenaars wel informatie verstrekt, aldus het OM. In het geval van Bouhuijs en Kools ziet justitie Van L. als medepleger, omdat hij zijn medeverdachten erop heeft gewezen, nadat Benbouker was doodgeschoten, dat zij een paar kilometer verderop stonden te wachten.

Volgens justitie heeft James P. de drie slachtoffers doodgeschoten. De vermoedelijke leider van het moordcommando was Rahim D. Hij schoot zichzelf in mei 2012 dood toen de politie hem in zijn woning in Amsterdam-Noord wilde arresteren.

Het OM liet maandag weten dat het tegen D. een levenslange celstraf zou hebben geëist. De rechtbank doet naar verwachting uitspraak op 17 juni.