Tien jaar cel geëist in zaak Rotterdamse taximoord

De officier van justitie in Rotterdam eist tien jaar celstraf tegen twee broers die in 2004 in Rotterdam tijdens een beroving een taxichauffeur om het leven zouden hebben gebracht.

De derde verdachte moet worden vrijgesproken. Eén van de broers zou hem alleen maar ''een loer hebben willen draaien'', meende de aanklager donderdag tijdens de eerste dag van de rechtszaak.

De zaak deed destijds veel stof opwaaien. Zeker 250 taxichauffeurs namen vlak na de moord deel aan een lange tocht door Rotterdam ter nagedachtenis aan de 52-jarige chauffeur.

De man werd op 29 februari 2004 op straat gevonden met een kogel door zijn hoofd. Het delict werd gepleegd in een tijd dat er meer gewelddadige taxiberovingen plaatsvonden.

Bewijs

"De laatste beroving in de rij eindigde met de dood van Denz", aldus de officier. Toen waren in verband met de dood van de taxichauffeur de broers Dayniel en David F. in beeld bij de politie. Maar er was onvoldoende bewijs om ze te vervolgen voor deze zaak.

Het onderzoek kwam stil te liggen, totdat in september 2010 Dayniel zich als getuige bij de politie meldde. Daarna werd er een coldcaseteam op de zaak gezet.

Langzaam werd duidelijk dat Dayniel niet een getuige was, maar samen met zijn broer verantwoordelijk is voor de dodelijke schietpartij, zo werd duidelijk in het requisitoir. Dayniel maakte bij de politie melding van specifieke informatie over het neerschieten van Denz. ''Daarnaast pleegden Dayniel en David eerder samen taxiberovingen op een vrijwel identieke manier'', aldus de officier.

Bovendien zouden de twee verdachten in staat zijn iemand te vermoorden, zo blijkt uit verschillende verklaringen uit 2004. Ook de verklaring van twee andere personen, onder wie de verdachte die volgens de officier moet worden vrijgesproken, is voor de officier reden om niet te twijfelen. De broers zouden tegenover hen hebben verklaard dat zij de taxichauffeur om het leven hebben gebracht.

Lees meer over:
Tip de redactie