De in 2004 vermoorde vastgoedmagnaat Willem Endstra maakte vanaf 2001 geld over naar Cees H., die kort daarvoor was vertrokken als bestuursvoorzitter bij Bouwfonds.

Het is niet duidelijk wat H. voor dit geld heeft gedaan, meldt Het Financieele Dagblad op basis van het boek De val van SNS Reaal dat vijf redacteuren komende week publiceren.

Endstra was een klant bij het Bouwfonds, een van de grootste vastgoedfinanciers van Nederland.

Onder anderen de opvolger van H. bij Bouwfonds waarschuwde hem het geld niet aan te nemen, maar hij deed dit toch. H. staat nu in de vastgoedfraude in hoger beroep terecht voor het aannemen van corrupte betalingen.

Strafonderzoeken

Nadat De Telegraaf had geschreven dat Endstra de 'bankier van de onderwereld' zou zijn, bleef H. zijn betalingen aannemen. Na de dood van Endstra in mei 2004 bleef H. geld ontvangen van een zakenpartner van Endstra, Klaas Hummel.

Toen H. nog bestuursvoorzitter was, ontdekte Bouwfonds dat er strafonderzoeken naar Endstra liepen. Formeel werd hierop besloten het krediet aan hem en Hummel te bevriezen.

In werkelijkheid nam het bedrag dat Bouwfonds aan hen toevertrouwde volgens de krant juist toe. Het is onduidelijk of H. hier een rol in heeft gehad en of dit de reden is dat Endstra hem betaalde.

Nieuwe bankrelaties

Vier maanden na zijn vertrek bij Bouwfonds stuurde H. Endstra en Hummel een factuur van zo'n 8100 euro. Dat werden uiteindelijk acht facturen van ongeveer dat bedrag aan de twee samen. Vanaf september 2003 volgden er nog zes aan Hummel alleen. Bij elkaar kreeg H. ruim 113 duizend euro.

Hummel stelt volgens de redacteuren dat H. werd betaald voor het helpen met nieuwe bankrelaties. H. zelf zou zich niet kunnen herinneren wat hij als tegenprestatie voor het geld heeft gedaan.