Het is merkwaardig dat er een viering is van tweehonderd jaar Nederlands koninkrijk. Nederland en Oranje gaan terug tot ruim vierhonderd jaar geleden en dat gegeven is meer een herdenking waard.

Dit stelt historicus Coos Huijsen tegenover NU.nl. Volgens Huijsen is het gek dat Nederlanders een moment halverwege het bestaan van hun land herdenken terwijl er eerder in de geschiedenis belangrijkere ontwikkelingen waren.

"Je zou verwachten dat je viert dat een land is ontstaan; de vrijheidsstrijd die wij daarvoor ruim vierhonderd jaar geleden leverden, dat was niet niks. Nu laten we de helft van het verhaal weg."

Volgens Huijsen zijn de waarden waarmee Nederland destijds ontstond – vrijheid en verdraagzaamheid – veelzeggender dan het moment dat we nu vieren, waarop prins Willem Frederik in 1813 terugkeerde naar Nederland en werd uitgeroepen tot soeverein vorst.

"Toen waren we verlost van Frankrijk, maar dat was niet zozeer een eigen verdienste. Napoleon werd verslagen door anderen en wij hebben het moment benut om een koning aan te stellen."

Belang koningshuis

Ondanks de opmerkelijke timing is het herdenken van de koninklijke geschiedenis volgens Huijsen wel van belang. "Het is zinnig om terug te kijken naar wat we er in het verleden van hebben gemaakt. Er is qua ontwikkeling van de grondwet, van de democratie en het individu heel wat bereikt."

Zo uitbundig als de inhuldiging van koning Willem-Alexander eerder dit jaar werd gevierd is voor Huijsen een teken dat Nederlanders nog steeds behoefte hebben aan een koningshuis. Het is iets om "gezamenlijk" waarde aan te kunnen hechten.

"Het Oranjegevoel van tegenwoordig is een soort pattriotisme met een knipoog. We willen trots zijn op het feit dat we Nederlander zijn, dat we een eenheid vormen, maar we houden niet van nationalisme."

Koning Willem-Alexander weet goed met die eenheid om te gaan, meent Huijsen. "Het is alleen wel zaak dat hij het grote publiek ook aanspreekt, dat is nog een hele kunst. Ik ben benieuwd hoe hij bijvoorbeeld zijn kerstboodschap gaat aanpakken."

Willem I

De bevindingen die vrijdag naar buiten kwamen tijdens de presentatie van drie biografieën over koning Willem I, Willem II en Willem III waren voor Huijsen wat Willem I betreft nieuw, maar niet opvallend.

Zo bleek dat koning Willem I een tweede buitenechtelijk gezin had. "Weinig verrassend", zegt Huijsen. "In die tijd trouwde men zelden uit liefde, het waren vaak dynastieke overwegingen. Het idee van monogamie was maar zwak aanwezig."

Volgens hem is het meer verrassend dat we zo lang hebben ontkend dat dit speelde. "Ik denk dat je gerust kunt stellen dat het overspel van de vorsten wel tot prins Bernhard is doorgegaan."

Willem II

Koning Willem II had, zo blijkt uit zijn biografie, tal van homoseksuele verhoudingen. Daarmee werd hij regelmatig gechanteerd. "Gevaarlijk" is het om hier te gemakkelijk de link te leggen tussen de chantage en de grondwetswijziging in 1848. Deze ingreep, geesteskindje van het liberale parlementslid Thorbecke, zorgde ervoor dat de macht van de koning werd ingeperkt.

"Zo wordt het nu overal in de media uitgemeten. Het is echter te kort door de bocht om te concluderen dat dit daadwerkelijk zo is gegaan. Koning Willem II had al langere tijd liberale gevoelens en het zou jammer zijn als die zouden wegvallen door zijn seksuele geaardheid."

Huijsen vindt het goed dat we eindelijk "volwassen geschiedschrijving" hebben van onze vorsten. "Wij hebben lang te veel weggemoffeld van de Oranjes en net gedaan alsof er geen schandalen waren. Nu pas lijkt de tijd rijp om die geschiedenis eens goed te bekijken."

Bekijk lezersfoto's van de viering van tweehonderd jaar Nederlands koninkrijk