Kwaliteit studies Inholland weer voldoende

De twee in opspraak geraakte opleidingen MEM en CE van hogeschool Inholland zijn weer op orde.

De accreditatie van deze studies van de hbo-instelling hoeft daarom niet ingetrokken te worden, heeft het ministerie van Onderwijs op advies van de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) laten weten.

De Onderwijsinspectie bevond in de zomer van 2011 vier opleidingen van Inholland zo ondermaats dat ze 'hbo-onwaardig’ waren.

Het ministerie begon daarop een procedure om de accreditatie die iedere opleiding nodig heeft, in te trekken. Twee van de opleidingen waren vorig jaar weer voldoende, de laatste twee - Commerciële Economie en Media en Entertainment Management - zijn dat nu weer.

Zes jaar

De NVAO geeft de nieuwe accreditatie voor zes jaar. Na drie jaar vindt een tussentijdse evaluatie plaats. Dan moet gekeken worden of nog bestaande problemen, zoals gebrekkige afstudeerbegeleiding, in voldoende mate zijn verbeterd. Een bewuste keuze, zegt Inholland-voorzitter Doekle Terpstra . ''De kwaliteit moet boven iedere twijfel verheven zijn.’’

De NVAO beoordeelt iedere opleiding op 16 verschillende punten. Bij de twee onvoldoende opleidingen zat het probleem bij de afstudeerscripties. De beoordeling daarvan was eerder hbo-onwaardig, de andere 15 punten waren wel al op orde.

Diploma's

Inholland raakte in 2010 in opspraak toen bleek dat er ten onrechte diploma’s werden uitgereikt. Eind dat jaar werd Terpstra benoemd als bestuursvoorzitter om de crisis op te lossen.

In de reorganisatie die volgde, raakten zo’n zevenhonderd medewerkers hun baan kwijt. ''Het zijn buitengewoon zware jaren geweest. Vooral voor alle medewerkers en studenten." Dat Inholland nu weer goed presteert, noemt Terpstra vooral hun verdienste.

''Inholland was een metafoor voor alles wat er mis was in het hbo. Maar de problemen met schaalvergroting, bestuurders die de instelling als een bedrijf runden en discussie over de kwaliteit speelden veel breder in het hoger onderwijs."

Vertrouwen

Minister Jet Bussemaker (Onderwijs) laat in een brief aan de Tweede Kamer weten er vertrouwen in te hebben dat de problemen worden opgelost. 

Wel erkent ze dat er door studenten problemen zijn aangekaart en dat zij niet de dupe mogen worden. 

"Zo wordt er extra begeleiding en ondersteuning aangeboden, het aantal uren voor docenten in de afstudeerfase is uitgebreid van 18 naar 24 uur per student, er worden extra onderzoekscolleges aangeboden en studenten worden begeleid bij het schrijven van een onderzoeksvoorstel", aldus de minister. 

Verder zullen er meer maatwerktrajecten komen en zijn er mogelijkheden voor afstudeersteun via het profileringsfonds.

Niet blij

Studentenorganisaties LSVb is niet blij met de accreditatie. Volgens LSVb-bestuurslid Olga Wessels regent het nog altijd klachten over de opleidingen, met name over de begeleiding vanuit de opleiding.

Het slagingscijfer van afstuderenden ligt rond de 3 procent, zou uit het NVAO-rapport blijken. "Wij vinden het onacceptabel dat een opleiding die al drie jaar niet op orde is en waar nu nog steeds veel mis gaat toch geaccrediteerd wordt", aldus Wessels.

Volgens haar blijft de de inhoudelijke begeleiding achter, waardoor het onmogelijk is om een diploma op hbo-niveau te halen. 

Wessels pleit ervoor dat studenten die studievertraging lopen financieel gecompenseerd worden als dit het gevolg is van gebrekkige ondersteuning door de opleiding.

ISO-voorzitter Ruud Nauts bevestigt dat veel van de studenten de begeleiding als grootste probleem beschouwen.

"Ondanks dat de opleiding het verbetertraject heeft afgesloten kan er niet achterover geleund worden", aldus Nauts. Volgens het ISO moeten de studenten en de medezeggenschapraden kritisch naar de kwaliteit van de begeleiding en de opleidingen blijven kijken.

Lees meer over:
Tip de redactie