Greenpeace-zaak dient 6 november bij tribunaal

Het Internationaal Zeerechttribunaal begint op woensdag 6 november met de zaak over het Greenpeace-schip Arctic Sunrise.

Dan vindt de eerste hoorzitting plaats, zo heeft het tribunaal vrijdag bekendgemaakt.

De Arctic Sunrise werd vorige maand na een actie bij een boorplatform bij Nova Zembla geënterd door de Russische autoriteiten. Het schip is daarna overgebracht naar Moermansk.

De opvarenden, onder wie twee Nederlanders, werden eerst beschuldigd van piraterij, maar sinds kort van 'hooliganisme'. Daar staat in Rusland maximaal 7 jaar gevangenisstraf op.

Rusland heeft eerder laten weten niet aan de zaak mee te zullen doen, maar wel open te staan voor een andere ''afwikkeling van de situatie''. Het feit dat Moskou het tribunaal negeert, is een ''groot probleem'', zei de president van het tribunaal, Shunji Yanai, vrijdag op de Duitse radiozender NDR. ''Maar we moeten toch met de procedure voor de vrijlating van het Greenpeace-schip beginnen. Ook zonder Rusland.''

Uitspraak

De Arctic Sunrise-kwestie is de 22e zaak waar het tribunaal zich over buigt sinds zijn oprichting in 1996. Het tribunaal zou binnen 1 à 1,5 maand tot een uitspraak kunnen komen. Het college baseert zich in zijn werk op het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties uit 1982. Het tribunaal telt 21 gekozen rechters, onder wie momenteel één Rus. Voor deze procedure, waarbij Nederland partij is, kan het een rechter aanwijzen.

Nederland is overigens bereid de hele tribunaalprocedure in Hamburg te staken als de Russen bereid zijn de kwestie in nauw overleg met Nederland op te lossen. Maar minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken) zal de procedure pas stoppen als het schip en de bemanning zijn vrijgelaten en vertrokken uit Rusland, zo liet hij eerder weten.

Overzicht: Zaak Greenpeace-schip in Rusland

Achtergrond: Timmermans hekelt 'emotionele' Russische politiek

Tip de redactie