Bij de politie is een angstcultuur ontstaan doordat politiemensen die zich uitspreken over misstanden worden aangepakt. 

Dat stellen de voorzitters van de vakbonden voor politiepersoneel, de NPB, VMHP, ANPV en ACP, woensdag samen in een verklaring.

De vakorganisaties zien dat de afgelopen maanden steeds meer disciplinaire onderzoeken naar politiemensen worden ingesteld. Ook krijgen steeds meer leden te horen dat ze over knelpunten geen contact mogen opnemen met de vakbonden en medezeggenschap.

''Precieze aantallen hebben we niet, maar alle bonden zien deze trend’’, aldus voorzitter Han Busker van de Nederlandse Politiebond (NPB).

''Mensen zijn bang dat ze op een zijspoor worden gezet.’’ Een voorbeeld is de zaak over de gewonde politiestudenten tijdens trainingen, waarbij betrokkenen volgens hem aanvankelijk terughoudend waren om hierover iets te melden.

Grens

De bonden zeggen dat een intern schrijven van korpschef Gerard Bouman van de nationale politie reden is om nu naar buiten te treden. Bouman zou daarin hebben laten weten dat er een grens zit aan het delen van informatie met de bonden en medezeggenschap.

De vakorganisaties schrijven dat het met het oog op de omvorming naar de nationale politie belangrijk is dat werknemers in een veilige werkomgeving zaken kunnen aankaarten. ''Een betere organisatie met oog en oor voor haar medewerkers is ook in het belang van de veiligheid van de burgers.”

De nationale politie wilde woensdagavond nog niet reageren, liet een woordvoerster weten.