Er komt geen nader onderzoek naar de vechtpartij waarbij grensrechter Richard Nieuwenhuizen om het leven kwam. Dat is het oordeel van het gerechtshof in Leeuwarden maandag in een tussenzitting.

Zo zal niet gekeken worden naar het verband tussen de mishandeling en een vaataandoening die Nieuwenhuizen had.

Het hof in Leeuwarden behandelt de zaak over Nieuwenhuizens dood in hoger beroep.

Ook wordt een van de verdachten niet verder psychologisch onderzocht. Wel worden de verdachten in elkaars zaken als getuigen gehoord.

De advocaten van enkele van de verdachten van de dodelijke mishandeling hadden om het genetische onderzoek gevraagd, omdat zij denken dat de grensrechter mogelijk is doodgegaan door de ziekte en niet door de mishandeling. Advocaat Gerard Spong van een van de verdachten liet daar eerder zelf onderzoek naar doen.

Ook vindt het hof het niet nodig om rechtspsycholoog Peter van Koppen iets te laten zeggen over beïnvloeding door politie en justitie van getuigen aan wie zij foto's hebben laten zien. 

Vechtpartij

Nieuwenhuizen werd op 2 december vorig jaar in Almere belaagd door een groep spelers van de Amsterdamse voetbalclub Nieuw-Sloten en een van hun vaders. Dit gebeurde na afloop van een wedstrijd tussen B-jeugdelftallen van Nieuw Sloten en Buitenboys uit Almere. Nieuwenhuizen, die onder meer tegen zijn hoofd en hals zou zijn geschopt, overleed een dag later.

Volgens de NOS komt er ook geen reconstructie van de vechtpartij die Nieuwenhuizen Almere fataal werd. De verdachten zouden meer duidelijkheid willen over wie daarin welke rol heeft gespeeld.

Hoger beroep

Van de oorspronkelijke acht verdachten zijn er in hoger beroep nog zeven over. De zes minderjarigen kregen in juni van de rechtbank in Lelystad jeugddetentie opgelegd; de vader is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf.

De rechtbank vond hen gezamenlijk verantwoordelijk voor de dood van de grensrechter en oordeelde dat Nieuwenhuizen direct overleden is als gevolg van de mishandelingen. "Fors uitwendig geweld, zoals trappen en schoppen."

Journalisten

Journalisten mogen het hoger beroep niet vanuit een andere zaal via een videoverbinding volgen, zoals wel mocht bij de rechtbank. Het hof wil zich aan de regel houden dat zaken tegen minderjarige verdachten achter gesloten deuren worden behandeld.

Journalisten mogen wel luisteren wanneer de aanklager zijn eindbetoog en de eisen voorleest. Of de pers ook de pleidooien mag aanhoren, moet nog worden bekeken.

Het hof verwacht dat het hoger beroep vanaf half november inhoudelijk wordt behandeld.