De gestrande potvis op Terschelling is maandagavond overleden. Dat meldt de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM).

Het dier spoelde aan het begin van de middag aan ter hoogte van paal 26.

Dinsdagochtend om 3.00 uur, als het hoog water is, zal worden geprobeerd het overleden dier weg te slepen. In Harlingen zullen wetenschappers van museum Naturalis en de Universiteit Utrecht sectie verrichten op het kadaver.

Het dier is zo'n vijftien meter lang. Direct na de vondst werd alles uit de kast getrokken om de potvis weer in het water te krijgen, maar hulp kwam te laat. 

Onder meer opvangcentrum SOS Dolfijn, een Terschellings sleep- en bergingsbedrijf, de KNRM en het ministerie van Economische Zaken waren betrokken bij de reddingsactie, maar die mocht niet meer baten.

Eerder zei een woordvoerder van Economische Zaken al tegen NU.nl dat de vooruitzichten voor het dier niet gunstig waren.

Reddingswerkers hebben door middel van een geul de potvis nog proberen te redden. "Het dier was eerder vandaag nog erg levendig. Alleen vanaf 18.30 ging het opeens slecht", aldus een woordvoerder van SOS Dolfijn, een opvangcentrum voor kleine walvisachtigen in Harderwijk.

Volgens zeehondenredder Lenie 't Hart waren de reddingswerkers binnen een halfuur ter plaatse. Haar collega Hessel Wiegman 'zag de potvis aan komen zwemmen', zo laat ze via Twitter weten. 

Staart

Simon Smit, eigenaar van sleepbedrijf Noordgat: ''Toen we na de melding rond kwart over 3 naar het strand gingen, had het dier zijn ogen nog open, ademde hij nog en zwabberde hij nog met zijn staart."

Met touwen en ingegraven ankers hebben Smit en vier anderen een diepe geul rondom de potvis gegraven en lukte het ook om het dier te draaien, zodat hij weer met zijn kop naar de zee lag. ''Daarna had hij zelf een klap met zijn staart moeten geven om weg te gaan.''

''Maar rond zes uur ademde hij bijna niet meer en zag je 'm als het ware inkrimpen. Dat gaat je wel aan het hart hoor, als je daar met vijf stoere mannen staat en zo'n beestje met grote ogen naar je ligt te kijken.'' Eerder lukte het het sleepbedrijf wel om twee grote vissen bij Vlieland te redden. ''Maar dit is heel zuur.''

Protocol

Bij de reddingsoperatie (pdf) werd het onlangs verschenen protocol (pdf) voor de omgang met aangespoelde walvissen gevolgd.

Op Terschelling is namens het ministerie van Economische Zaken een strandingscoördinator in actie. Hij heeft de leiding over een team van deskundigen.

Onenigheid

Het protocol is nieuw. Het werd deze maand door staatssecretaris Sharon Dijksma naar de Tweede Kamer gestuurd. Het werd opgesteld nadat in december onenigheid was ontstaan over de aanpak van de gestrande bultrug Johanna, die overigens overleed.

In het deskundigenteam zouden onder anderen kunnen zitten: een dierenarts, wetenschappers en medewerkers van zeezoogdierenopvang, Rijkswaterstaat, bergingsbedrijf, gemeente en politie. Het is niet zeker wie er allemaal al op Terschelling zijn. Een belangrijk element van het protocol is dat een reddingsactie geen zin meer heeft als een levende walvis al 12 uur op het strand ligt.

Simon Smit van sleepbedrijf Noordgat heeft echter nog weinig van het protocol gemerkt. ''We zouden op de hoogte gehouden worden over het protocol, maar hebben niets gehoord. We zijn niet gevraagd om te komen helpen, maar niemand heeft ons tegengehouden toen we uit onszelf aan de slag gingen. Ik heb het nog niet eens gelezen, maar wij hebben wel een paar ideeën voor zulke acties.'' Noordgat redde eerder al twee grote vissen bij Vlieland.

Heeft u foto's van dit nieuws? Upload ze op NUfoto

Heeft u een video van dit nieuws? Upload deze op ZIE.nl