Prinses Beatrix neemt eind dit jaar of begin volgend jaar haar intrek in kasteel Drakensteyn bij Lage Vuursche.

Omdat ze nog geregeld in Den Haag zal zijn, wordt een deel van paleis Noordeinde voor haar ingericht. Dat heeft de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) woensdag bekendgemaakt.

Koning Willem-Alexander, koningin Máxima en hun drie dochters verhuizen op een later moment naar paleis Huis ten Bosch in Den Haag, waar Beatrix nu woont. Eerst wordt het paleis verbouwd, omdat het niet meer aan de eisen van deze tijd voldoet.

De RVD had eerder bekendgemaakt dat Beatrix 'op een nader te bepalen moment' na haar abdicatie haar intrek in Drakensteyn zou nemen.

Het kasteel aan de Slotlaan in Lage Vuursche is privébezit van Beatrix sinds 1959, en de plaats waar ze haar gelukkigste huwelijksjaren met prins Claus doorbracht en haar kleine kinderen opvoedde.

Renovatie

In 2006 werd besloten dat Drakensteyn gerenoveerd zou worden om het kasteel weer bewoonbaar te maken. Het werd volgens moderne eisen beveiligd en klaargemaakt voor de 21e eeuw.

Koningin Beatrix verbleef er de afgelopen jaren al met grote regelmaat, weten buurtbewoners die kunnen zien wanneer de Koninklijke Standaard is gehesen.

Drakensteyn (ook wel: Drakestein, Drakensteuin of Drakensteijn) is een kasteel en landgoed in de gemeente Baarn. In 1360 werd voor het eerst geschreven over een hofstede Drakensteyn. In 1634 werd Ernst de Reede de eigenaar. Zijn zoon Gerard liet in 1640 een nieuw, volledig symmetrisch achthoekig kasteel bouwen.

Veiling

'De heerlijkheid De Vuursche en ridderhofstad Drakensteyn' werd in 1806 op een veiling aangekocht door burgemeester van Utrecht Paulus Bosch en zou 150 jaar in de familie blijven tot het in 1959 aan prinses Beatrix werd verkocht.

Beatrix woonde er vanaf 1963, tot zij na haar inhuldiging in 1980 met haar gezin naar Huis ten Bosch in Den Haag verhuisde. Drakensteyn werd toen een koninklijk buitenverblijf. Het landgoed en het kasteel zijn privébezit en niet te bezichtigen.