De politie trekt te weinig lessen uit incidenten waarbij agenten ten onrechte geweld gebruiken.

Dat komt deels doordat de politie en de politiebonden het ter discussie stellen van het geweld ''veelal als een aanval op het werk van agenten zien’’.

Deze conclusie, die de Nationale ombudsman Alex Brenninkmeijer in het rapport (.pdf) 'Verantwoord politiegeweld’ trekt, baart hem zorgen, maakte hij zondag bekend bij Buitenhof.

Incident

Brenninkmeijer benadrukt in het rapport dat de Nederlandse politie terughoudend is in het gebruik van geweld. Het lukt de politie in bijna alle gevallen om op te treden zonder daarbij naar de wapenstok, pepperspray of andere middelen te grijpen.

Maar als een agent dan toch een keer over de schreef gaat en de ombudsman dat bekritiseert, zet de politie dat te vaak weg als een ''ongelukkig incident'', meent Brenninkmeijer. ''De politie heeft ook een sterke focus op de vraag of het geweldgebruik een strafbaar feit vormt of niet, waardoor de vraag naar de professionaliteit van dat geweld onbeantwoord blijft.''

Klachten

De ombudsman analyseerde niet alleen klachten van de afgelopen 10 jaar, maar hield ook rondetafelgesprekken met agenten 'van de straat'. Daaruit rijst volgens hem het beeld dat agenten gebrek aan vertrouwen beleven.

''Onvoldoende vertrouwen in het eigen optreden omdat politiemensen tot nu toe onvoldoende fysieke en sociale vaardigheden krijgen aangeleerd. Onvoldoende vertrouwen in hun omgeving omdat ze niet altijd voldoende bekend zijn met hun collega's en de plaats waar ze ingezet worden en daardoor niet weten waar ze van op aan kunnen.''

Trainingen

Brenninkmeijer pleit dan ook voor meer trainingen om het zelfvertrouwen van agenten te vergroten en voor meer aandacht voor het nabespreken van geweldssituaties om daaruit lering te trekken.

Ook moeten agenten elkaar vaker durven aanspreken. ''Ten slotte moet minister Opstelten de bestaande instructies aanvullen voor de inzet van de politiehond en het gebruik van handboeien'', schrijft Brenninkmeijer. Die instructies zijn nu te onduidelijk.

Reactie politiebond

De Nederlandse Politiebond (NPB) herkent de conclusies in het rapport van Brenninkmeijer. "Er moet inderdaad veel meer getraind worden bij de politie. Wij zijn daarover al jaren met de minister in discussie'', zei voorzitter Han Busker zondag. "Elk incident moet een les zijn en niet alleen een toetsing of er binnen de instructies goed is gehandeld.''

De NPB hoopt dat het rapport bijdraagt aan de discussie over meer tijd en geld voor opleidingen. ''Politiemensen krijgen nu 32 uur per jaar voor trainingen, maar we hebben het dubbele nodig.''

Een woordvoerster van de nationale politie zei in een reactie dat de in het rapport beschreven problemen deels al eerder waren onderkend. ''Sinds 2011 hebben we een nieuwe fysieke en mentale vaardigheidstraining. Dat programma loopt nog en krijgt ook een vervolg. We nemen de aanbevelingen ter harte.''

Reactie ministerie

Het ministerie van Veiligheid en Justitie zegt in een reactie te gaan bekijken of onderzoek na een geweldsincident sneller kan verlopen zonder dat dit een goed onderzoek in de weg staat.

Verder kondigt het ministerie aan dat er nadere instructies voor de inzet van politiehonden komen. Brenninkmeijer vond de instructies te onduidelijk. Wel wijst het ministerie erop dat de inzet van honden uiteindelijk de afweging van de politie is omdat niet elke situatie in protocollen vast te leggen is.

Meldingen

Er zijn jaarlijks ruim 15.000 geweldsmeldingen, die leiden ongeveer tot 100 klachten bij Brenninkmeijer. Een deel van die klachten blijkt terecht.

De meeste klachten gaan over het gebruik van handboeien, de inzet van politiehonden en fysiek geweld. In het tv-programma Buitenhof zei de ombudsman dat in Nederland relatief veel doden vallen door politiekogels. In landen om ons heen ligt dat aantal lager.