Een Boeing 737 en een Airbus A330 die eind vorig jaar parallel aan elkaar wilden landen, kwamen te dicht bij elkaar. Volgens de Onderzoeksraad voor Veiligheid was geen sprake van een bijna-botsing.

Ook leidde het incident op 13 november niet direct tot onveilige situaties. De luchtverkeersleider liet op eigen initiatief een toestel op een lagere route aanvliegen.

Direct na het incident liet woordvoerster Bertine Langelaan van de Luchtverkeersleiding Nederland aan NU.nl weten dat het verhaal over een ramp "voorbarig" was. 

"Het verhaal dat nu in de landelijke media te lezen is dat twee toestellen bijna tegen elkaar aan zijn gevlogen, is veel te voorbarig. Daar balen we van", zei Langelaan destijds.

Vliegtuigen moeten zowel horizontaal als verticaal afstand van elkaar bewaren. De minimale afstand tussen beide toestellen was uiteindelijk 1,1 kilometer.

Waarschuwingen

Nog voordat er daadwerkelijk gevaar ontstaat, krijgt de bemanning diverse waarschuwingen, maar daarvan was in dit geval geen sprake.

Na het incident deden verhalen de ronde dat Uitgeest aan een ramp was ontsnapt door de bijna-botsing.