Het zal nog zeker tot juni duren voor duidelijk is of en wanneer de hogesnelheidstrein Fyra weer kan gaan rijden.

Dat stelde NS-topman Bert Meerstadt vrijdag na een bezoek van Tweede Kamerleden aan de Fyra-werkplaats in Amsterdam.

Volgens Meerstadt zit de NS nog middenin het stellen van de technische diagnose. Daarvoor is adviesbureau Mott McDonald gevraagd, naast de onderzoeken die de NS zelf samen met producent AnsaldoBreda uitvoert. De resultaten van dit advies worden begin juni verwacht.

Pas daarna kan een plan worden gemaakt over hoe het verder moet met de falende Fyra. ''Kwaliteit gaat boven tijd', benadrukte Meerstadt. ''Voor conclusies over commerciële terugkeer van de V250 is het in dit stadium te vroeg'', verwees hij naar de V250-variant van de Fyra, waar de problemen spelen.

Valse start

Meerstadt wil de ''onderste steen boven krijgen" en stelt zich ''niet nog een valse start" te kunnen permitteren. ''Ik kan dus nog niet zeggen of en zo ja op welke termijn de V250 weer gaat rijden", aldus de topman. ''We gaan alleen weer rijden als het veilig en betrouwbaar is."

Op het moment wordt alleen door AnsaldoBreda aan de negen geleverde treinen gesleuteld in verband met de garantie. De NS rijdt wel al testritten, om te zien of de monteurs de problemen ook echt hebben verholpen.

Ook worden de treinen bewust extra belast om nog onontdekte problemen op te sporen. Volgens Meerstadt werkt AnsaldoBreda goed mee.

Verbinden

De Fyra had Amsterdam en Brussel met elkaar moeten gaan verbinden. In december reed de trein even, maar er waren al snel problemen. Nadat tijdens winterweer een bodemplaat van een Fyra afviel, werd de trein uit de roulatie genomen.

Inmiddels rijdt acht keer per dag een vervangende intercity tussen Den Haag en Brussel. Die moet op termijn 16 keer per dag gaan rijden, vindt staatssecretaris Wilma Mansveld van Spoor. Wanneer dat mogelijk wordt, is vooralsnog onbekend.

Moed in de schoenen

Bij de Tweede Kamerleden is vrijdag de moed in de schoenen gezakt. ''De twijfels zijn toegenomen, het vertrouwen niet", vatte VVD-Kamerlid Betty de Boer samen.

''Ik heb toch ernstig mijn twijfels, omdat er iets fundamenteel mis lijkt met de trein." Haar ogen dwalen dan ook steeds meer af naar alternatieven voor de in Italië gemaakte trein. Ook D66-Kamerlid Stientje van Veldhoven is niet optimistisch. ''De twijfel is niet weggenomen", zei ze. ''Dat komt ook door de winstwaarschuwing die de NS afgeeft dat ze na 2 maanden onderzoek nog niet zeker weten of de Fyra wel kan terugkeren."

Sander de Rouwe van het CDA noemt de problemen eveneens zeer ernstig. ''Ze kijken nu niet alleen meer naar losse deuren en ramen, maar ook naar het fundament", stelt hij. Volgens hem moet nu dan ook serieus worden gekeken naar alternatieven.

Bekijk hier De Rouwe's verklaring:

Toestemming

De NS willen dat de Fyra-treinen die nu alleen in Nederland worden gebruikt, toestemming krijgen om ook op het Belgische spoor te rijden. Het gaat dan niet om de falende V250, maar om de V160 die nu ook gewoon nog rijdt. Dat zei NS-directeur Merel van Vroonhoven vrijdag.

De toelating op het Belgische spoor kan in de toekomst helpen om een goede verbinding tussen Amsterdam en Brussel tot stand te brengen. Momenteel wordt onderzocht of en wanneer de V250 weer kan gaan rijden.

Alternatief

Als dat niet het geval is, moet er een alternatief worden gevonden. De binnenlandse Fyra kan een deel van de eventuele oplossing zijn, aldus Van Vroonhoven. Daarom wordt ook een proef gedaan om dubbeldekkers op de hogesnelheidslijn te laten rijden.

Welke oplossing er uiteindelijk komt, is nog niet duidelijk. Van Vroonhoven wil een goed alternatief voor de V250, zodat ze een objectieve keuze kan maken met welke oplossing de NS verdergaat.

Het bedrijf kijkt daarom ook naar materieel uit het buitenland, het ombouwen van materieel dat al voorhanden is en naar een oplossing via het klassieke spoor (dus niet over de hogesnelheidslijn).

Achtergrond: Fyra-trein was vooral de goedkoopste