AMSTERDAM - Agenten hebben vorig jaar minder vaak hun vuurwapen gebruikt tijdens hun werk dan een jaar eerder. 

De Rijksrecherche noteerde 24 schietincidenten, waarbij negentien gewonden vielen en vijf dodelijke slachtoffers. Dat meldt het Openbaar Ministerie zondag. In 2011 ging het nog om dertig schietincidenten met eveneens vijf doden.

De afgelopen jaren was steeds sprake van een toename van het aantal incidenten waarbij agenten hun dienstwapen gebruikten. Zo onderzocht de Rijksrecherche in 2008 zeventien schietpartijen, waarbij één dode viel.

In 2009 ging het om 23 schietincidenten met drie dodelijke slachtoffers en een jaar later waren het 25 incidenten met eveneens drie doden.

Rishi

Een van de dodelijke slachtoffers van vorig jaar is de 17-jarige Rishi, die in november door een agent werd doodgeschoten op station Hollands Spoor in Den Haag. De politie had een melding gekregen dat een man met een vuurwapen zou zijn bedreigd op het station.

Na het incident bleek het slachtoffer echter geen vuurwapen op zak te hebben gehad. Het onderzoek van de Rijksrecherche naar het incident loopt nog.

Noodweer

Volgens de NOS, die een analyse maakte van de onderzoeken van de Rijksrecherche naar de schietincidenten, schoten agenten vorig jaar opvallend vaak uit noodweer.

In ruim de helft van de gevallen ging het om een noodweersituatie, waarbij de agent uit zelfverdediging schoot. Bij andere incidenten wordt gesproken over 'gepast geweld'.