GRONINGEN - Renske Hekman, die op 13 april 2011 door haar vriend Alasam S. werd vermoord in het Groningse dorp Baflo, is negen keer ''met veel kracht'' op haar hoofd geslagen met een brandblusser met een gewicht van bijna 18 kilo. 

Hekman overleed ter plekke in de centrale hal van het appartementencomplex waar zij woonde, als gevolg van zwaar hersenletsel.

Daarna heeft S.  een motoragent doodgeschoten. Hij heeft tijdens een worsteling met politieman Dick Haveman diens dienstpistool te pakken weten te krijgen en hem van korte afstand neergeschoten bij het station van Baflo. Een kogel trof Haveman in het hoofd, een tweede in de schouder. De laatste veroorzaakte een slagaderlijke bloeding waaraan de hoofdagent ter plekke overleed.

''De agent richtte een pistool op mij en ik zei: schiet me maar dood. Toen was er een worsteling en pakte ik het pistool. Daarna ben ik overal gaan schieten."

De politie heeft in totaal zo'n 30 kogels op S. afgevuurd, waarvan 5 hem raakten. Maar ook toen hadden agenten nog de grootst mogelijke moeite om de man te overmeesteren.

Uitschakelen

Uit politieverklaringen blijkt dat agenten gericht op de borst van S. hebben geschoten om hem uit te schakelen. ''Hij werd geraakt, maar het had geen effect'', las de voorzitter van de rechtbank voor uit een verklaring van een van de agenten. S. werd uiteindelijk in de benen, borst en schouder geraakt, maar slaagde er ook toen nog in om zich tegen zijn aanhouding te verzetten.

Daarbij sloeg hij met zijn pistool een agente op het hoofd. Ook bleek S. totaal ongevoelig voor pepperspray.

Zombie

Volgens de politieverklaringen reageerde S. tijdens zijn aanhouding ''als een zombie, als iemand die niet twijfelde en niets te verliezen had''. 

''Hij haalde de trekker over maar er volgden geen schoten. Als hij de kans had gekregen, had hij ons allemaal doodgeschoten.'' S. zou 8 of 9 keer hebben geschoten met het politiewapen.

Vertrouwen

S. en Hekman hebben op de avond dat hij haar doodsloeg eerst samen gegeten, muziek geluisterd en gepraat. Een dag eerder had S., die uit het Afrikaanse Benin komt, te horen gekregen dat hij definitief geen verblijfsvergunning in Nederland kreeg. Samen hebben ze die avond nog op de computer uitgezocht of ze met elkaar in Duitsland konden gaan wonen.

S. verklaarde dat hij niemand meer vertrouwde, op het laatst ook zijn eigen vriendin niet.

''Ze wilde me een slaapmiddel geven, zodat ik kon slapen. Ik vertrouwde het niet, werd bang. Ik dacht dat iedereen mij wilde vermoorden, dat zij mij ook dood wilde hebben.''

De verdachte vertelde de rechters dat hij wilde weggaan, terug naar Groningen, en dat zijn vriendin hem probeerde tegen te houden. ''Toen heb ik een brandblusser gepakt en heb haar daarmee geslagen. Ik weet niet meer hoe vaak en waar.''

Dat bleek donderdag op de eerste zittingsdag van de rechtbank Groningen, die zich 3 dagen over de zaak-Baflo buigt. S. staat terecht voor tweevoudige moord op Hekman en Haveman, en poging tot moord op twee inwoners van Baflo.