BOVENSMILDE - De Molukse regering in ballingschap is boos over het voornemen van het ministerie van Defensie om een insigne te geven aan de militairen die in 1977 een einde hebben gemaakt aan de Molukse treinkaping bij De Punt.

De Molukse regering noemt de decoratie op haar website ''ongepast en schandalig'', omdat er destijds volgens haar buitensporig veel geweld is gebruikt.

''Ook na 35 jaar zijn we van mening dat de inzet van het geweld buitensporig, onnodig en zelfs misdadig was. Velen, ook niet-Molukkers, zijn van mening dat de bevrijdingsactie een doelgerichte executie was.''

Op Radio 1 zei de vorige Commandant der Strijdkrachten, Dick Berlijn, dat hij het betreurt dat er een insigne komt. Het is nog onbekend wanneer de onderscheiding wordt toegekend.

Moedig optreden

Een woordvoerder van Defensie liet zaterdag weten dat de onderscheiding ''niet tegen een bevolkingsgroep is, maar voor moedig optreden van militairen die een terroristische actie beëindigden''.

Ook voor de beëindiging van de gijzeling bij een school in Bovensmilde krijgen militairen een insigne.

1977

Negen Zuid-Molukkers kaapten op 23 mei 1977 een trein bij De Punt in Drenthe. Tegelijkertijd vielen vier anderen een basisschool in Bovensmilde binnen en gijzelden meer dan 100 kinderen en enkele leerkrachten. De gijzelingen hielden Nederland bijna 3 weken in hun greep.

De treinkaping werd beëindigd door een actie met mariniers. Twee gijzelaars en zes kapers verloren daarbij het leven. De gijzelnemers in de school gaven zich uiteindelijk over.

De acties waren erop gericht om Nederland te dwingen een onafhankelijke republiek der Zuid-Molukken te erkennen. Ook eisten de kapers vrijlating van 21 Zuid-Molukse gevangenen die vastzaten wegens een treinkaping in 1975 bij het Drentse dorpje Wijster.