Het zijn spannende tijden voor Inholland-bestuursvoorzitter Doekle Terpstra. Accreditatieorganisatie NVAO oordeelt binnenkort of de eerder als zeer zwak beoordeelde opleidingen nu wel hbo-waardig zijn. "Die beoordeling is normgevend voor het hele hbo".

Twee jaar terug ging er bij Inholland een beerput open. De onderwijsinspectie haalde vernietigend uit naar vier opleidingen van de instelling. Studenten kregen veel te makkelijk een diploma en de kwaliteit was ver onder de maat.

"De politieke vraag die voorligt is of de NVAO van ons verwacht om in een jaar van de kelder naar het dak te springen. Ik vind dat ze dat niet van ons mogen verwachten."

De NVAO heeft van staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs) meer slagkracht gekregen om opleidingen te beoordelen en daarbij meegegeven: de kwaliteit moet omhoog.

"Dat nieuwe, strengere kader wordt bij ons beproefd. Iedereen kijkt daarnaar en reken er maar op dat bij andere instellingen rode kaarten volgen."

Wat zijn de gevolgen als de NVAO alsnog negatief beoordeelt op de opleidingen die onder de loep liggen?

"Dan hebben we een ernstig probleem. Dan is het in de beeldvorming voor niks geweest. Het is een kritische fase voor Inholland. De instroom zal mogelijk verder dalen, wat weer gevolgen heeft voor de rijksbekostiging. Als we deze accreditaties halen staan alle opleidingen weer op groen. De NVAO kan ons maken of breken."

Het zou voor de reputatie ook goed zijn als de vertrekbonussen van oud-bestuurders als Jos Elbers en Geert Dales zouden kunnen worden teruggehaald.

"Dat juridische proces loopt nog en die broedende kip gaan we niet storen. We doen dat op basis van juridische rechtsgrond, want we kunnen wel roepen dat we het geld willen terughalen, maar het moet wel mogelijk zijn."

U zou een moreel appel kunnen doen.

"Je kunt dat doen, maar dat geldt ook voor het COA, Amarantis, Vestia. Ik heb nog weinig oud-bestuurders gezien die op basis van een moreel appel hun geld terugstorten. Ik ben daar niet naïef in. Dus dat laat ik over aan de advocaten."

Terug naar Inholland. Wat heeft u er aan gedaan om deze geplaagde onderwijsinstelling er weer bovenop te helpen?

"Een andere manier van denken. Er werd te institutioneel gedacht, als van: Inholland moet steeds groter worden. Terwijl het moet gaan om onze maatschappelijke opdracht."

"Inholland heeft de afgelopen tijd hard gewerkt aan de kwaliteit van haar onderwijs. Met de prestatieafspraken die we nu maken met Zijlstra leggen we de lat hoog: zowel voor de instelling als voor de studenten."

"Wat dat betreft zijn we een koploper: waar andere hogescholen de prestatie-afspraken aangrijpen om dingen te veranderen, hebben wij veel zaken al veranderd en stellen wij onze ambities nog hoger."

U heeft afgelopen jaar plannen bedacht om de kwaliteit van Inholland op korte termijn te verbeteren. Wat wilt u concreet veranderen?

"We moeten het onderwijs strenger organiseren. De vrijblijvendheid voor studenten gaat er uit. Ik wil af van het idee dat studeren en werken samengaan. We mogen niet selecteren, maar zullen studenten bij de intake wel uitgebreid informeren."

"Met name het eerste jaar zal gepaard gaan met intensieve begeleiding en studenten krijgen een negatief studieadvies als ze niet minstens 45 van de 60 studiepunten halen. Deze lat zal overigens nog verder omhoog gaan naar 50 en indien mogelijk 60."

"Daarnaast willen we een betere aansluiting op het werkveld."

Hoe kunnen de opleidingen beter aansluiten op de wensen van werkgevers?

"We moeten af van het idee 'voor ieder wat wils'. We hadden iets van 500 minoren. Die gaan we allemaal afschaffen. We willen weer terug naar heldere, compacte opleidingen die voor het werkveld herkenbaar zijn."

"Ook zal er gesnoeid worden in de totaal 90 opleidingen die er nu zijn. Om een voorbeeld te noemen. We hebben nu zo'n zes of zeven economie-opleidingen. Die willen we terugbrengen naar één opleiding, maar wel met een grote diversiteit aan afstudeerroutes."

Bij diverse opleidingen bij Inholland zaten de problemen heel diep, ook in de cultuur van de opleiding. Zijn die problemen nu allemaal verdwenen in twee jaar?

"Was het maar waar. Ik ben niet naïef. Maar het fundament is gelegd. We zijn klaar voor de toekomst. Er is geen hogeschool die zo veel heeft opgeruimd als wij in afgelopen periode."

Maar de cultuur is niet vanuit een bestuurskamer te regelen.

"Ik trof een verweesde, getraumatiseerde gemeenschap aan die het gevoel had dat de bestuurlijke bovenwereld was losgezongen van waar het om ging. Er was geen verbinding met het onderwijs. Maar als ik nu hoor 'het zal toch niet waar zijn dat we weer ruimte gaan krijgen voor het onderwijs', dan begint het te komen."

Wat ik u hoor zeggen gaat vooral over de randvoorwaarden. De basis is toch de kwaliteit van de docenten. Die moet omhoog. Dat is ook een eis van staatssecretaris Zijlstra.

"Dat zit ook in ons plan. In 2016 moet 75 procent van de docenten op masterniveau zitten."

Zijlstra wil 100 procent.

"Dat redden we niet, maar we doen wat we kunnen. Het kabinet zegt namelijk ook dat het percentage afstudeerders omhoog moet. We kunnen niet in een jaar van de kelder naar het dak springen."

"Als je zo streng wordt op de beoordeling dan gaat het rendement de komende jaren niet omhoog. We stoppen met de zesjescultuur en investeren in professionaliteit van de docenten."

"Maar het moeten wel realistische ambities zijn die we kunnen waarmaken. We hebben qua opleidingsniveau een te grote afstand om dat al in 2016 voor elkaar te krijgen."