DEN HAAG - Door de huidige droogte en laagwaterstand in de rivieren steekt het probleem van verzilting de kop op.

Om dat verschijnsel tegen te gaan zijn een aantal maatregelen getroffen om problemen te voorkomen, schrijft staatssecretaris Joop Atsma (Milieu) donderdag aan de Tweede Kamer.

Uit de Lek wordt bijvoorbeeld extra water ingelaten om de verzilting van het Amsterdam-Rijnkanaal en het Noordzeekanaal terug te dringen. Ook wordt extra zoet water richting het Volkerak-Zoommeer geleid.

''De verzilting levert geen problemen op voor de landbouw en de natuur, gezien de lage watervraag op dit moment van het jaar'', schrijft de bewindsman. ''Bij de drinkwaterbedrijven zijn momenteel ook geen problemen.''

Extra metingen

Atsma wijst er in zijn brief op dat het de afgelopen weken in Nederland vrijwel niet heeft geregend. Ook in de stroomgebieden van Rijn en Maas was het extreem droog. ''Deze situatie heeft geleid tot zeer lage afvoeren en waterstanden op de Rijn en Maas.''

''Door de lage afvoeren kan het zoute water vanuit zee verder het binnenland intrekken'', schetst Atsma. ''De storm van het afgelopen weekeinde heeft geleid tot extra instroming van zout water via de Nieuwe Waterweg. Dat water is inmiddels terug naar zee gestroomd. Rijkswaterstaat verricht extra metingen op het Haringvliet om de verzilting in de gaten te houden.''

De staatssecretaris somt in zijn brief maatregelen op die zijn genomen voor de scheepvaart. Zo brengt hij onder de aandacht dat schepen minder lading mee kunnen nemen door de laagwaterstand. ''Bij aanhoudend laag water verstoort dit het logistieke proces in kosten en productieplanning.''

Ook meldt hij dat op de IJssel de vaargeul is versmald en op een aantal sluizen op de Twentekanalen de bedieningstijden zijn verruimd.